Rond 4 mei komen sommige vragen verkeerd over. Dagboek van de Opperrabbijn, 3 mei 2022

Op 3 mei ’s ochtends, gisteren dus,  arriveerden we op Schiphol uit New York en, na een hele nacht vliegen en nauwelijks slapen, waren we weer thuis. Maar voor mij was dat thuis van korte duur want om 12:30 uur werd ik afgehaald om naar Den Helder te vertrekken voor de première van een film over de Joden van Den Helder , waaraan ik heb meegewerkt, bestemd voor de scholen in Den helder en omgeving. Na de vertoning van de film, waarbij zo’n 200 mensen aanwezig waren, gingen we naar het nieuwe monument ter nagedachtenis aan de Joodse inwoners van Den Helder voor de officiële (tweede) onthulling. Nadat er al een onthulling had plaatsgevonden gedurende coronatijd, met nagenoeg geen publiek, nu dus de echte plechtigheid.

 

Maar toen ik nog net in de USA was en achter mijn computer zat bereikte mij online de vraag  waarom wij Joden het Nieuwe testament niet erkennen. Omdat ik nogal moe was, en dus sneller geïrriteerd raak (hetgeen niet juist is), heb ik ze nogal scherp geantwoord: “Moet ik gaan antwoorden waarom wij het NT niet erkennen? Vraagt u uw predikant waarom hij het wel erkent! En  los hiervan:  door de eeuwen heen zijn honderdduizenden en honderdduizenden van mijn geloofsgenoten dankzij het NT vermoord!” Gelukkig zijn er heel veel Christenen die doordrongen zijn van de gevoeligheid en begrijpen dat zo’n vraag aan mij niet gesteld kan worden. Tenzij er sprake is van een oprechte en diepe wederzijdse vriendschap en dan kan alles gevaagd worden. En dat gebeurt ook, vanuit wederzijds respect en tolerantie. Maar een vraag van iemand die ik geheel niet ken in de dagen voor 4 mei…komt verkeerd over en raakt een (over)gevoelige snaar. Special ook toen ik net had gelezen dat de Minister van Buitenlandse Zaken van Rusland aangaf dat de moordenaar van 80% van mijn familie ‘ook Joods bloed in zich had’.

 

Het is inmiddels 4 mei in de vroege ochtend en ik ga me voorbereiden voor de herdenking op het ereveld in Loenen waar ik een korte toespraak zal houden om 15:00 uur vanmiddag om daarna, ja u leest het goed, met de ambassadeur van Duitsland een krans te leggen. En daarna naar de Dam voor de Nationale Herdenking. De Oorlogsgravenstichting komt ons van huis ophalen. Ons, want Blouma gaat mee omdat haar aanwezigheid functioneel zal zijn. Ook zij kent de bestuurders van de Oorlogsgravenstichting, los van haar interesse in alles  wat met geschiedenis van doen heeft. Na de plechtigheid is er tijd ingeruimd voor interviews en dan naar  de Dam.

 

Maar nu zit ik nog met mijn gedachten bij gisteren: Den Helder! Een indrukwekkende plechtigheid. Een film opgezet om het “We mogen ze niet vergeten” speciaal onder de schooljeugd te verspreiden. De officiële onthulling van het monument ter nagedachtenis aan de 118 Joodse inwoners van Den Helder. Rond 19:00 uur was ik eindelijk weer thuis, na de nacht van maandag op dinsdag maar 2 uur te hebben geslapen en het 6 uur tijdsverschil nog niet te hebben verwerkt. Maar Den Helder was zo goed! De inzet van de burgemeester en ook van de vorige burgemeester, die nu de burgervader is van Groningen, maar die deze onthulling en de première van de film niet wilde missen.

 

Ik moet me nu gaan voorbereiden, me aan me dagelijkse Thorastudie gaan wijden, ontbijt, m’n nette pak aandoen, zorgen dat m’n stropdas netjes zit. Maar toch wilde ik u even deelgenoot maken van Den Helder en u verzoeken om even hiernaar te kijken, als voorbereiding voor de twee minuten stilte van dadelijk:  klikt u maar: https://www.youtube.com/watch?v=PyVeYq32UiU  

 

Gedurende de coronaperiode en ook daarna houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken op www.niw.nl