Een sprookje van de gebroeders Grimm. Dagboek van een Opperrabbijn 19 mei 2021

Dit wordt een vreemd dagboek. Ik was immers enige dagen ‘uit de lucht’ vanwege de twee dagen Wekenfeest. Ik vind die vertaling ‘Wekenfeest’ altijd lastig, want in het Hebreeuws staat er geen ‘feest’ omdat het geen feest is. Idem ‘Loofhuttenfeest’. Waarom in de Nederlandse vertaling ‘feest’ achter de Hebreeuwse benaming wordt geplakt is me niet duidelijk. Want de letterlijke vertalingen luiden ‘Weken’ en ‘Loofhutten’, beiden dus zonder ‘feest’. Waarom sta ik stil bij deze foute vertalingen? Een vriend van Israel die aangaf mijn dagboek dagelijks te lezen, richtte zich tot mij met een probleem. Hij was benaderd door zijn dochter die van een bekende een waslijst aan vragen had gekregen. Letterlijk een waslijst.  Citaten uit de Talmoed en uit vele andere plaatsen in de Joodse literatuur waarin te lezen zou staan dat wij Joden de niet-joodse medemens varkens noemen, ze mogen doden zonder reden enz. enz. enz. Aan mij de vraag of ik even alle ‘citaten’ wilde weerleggen omdat zijn dochter het Joodse Volk wilde verdedigen. Het deed me denken aan het bloedsprookje waarin Joden worden beschuldigd dat ze Christelijke kinderen hebben geslacht om hun bloed te gebruiken om de matzes ten behoeve van het ‘Pesach-feest’ te bakken. Dit bloedsprookje heeft door de eeuwen heen weinig ‘feestelijks’ aan het Joodse volk gebracht en tot vele pogroms geleid. Mijn dochter die in Montreal woont liet me weten dat moslims een pogrom aan het voorbereiden zijn en dat de politie achter hun aanzit. In de Joodse wijk, waar zij niet woont, waren twee Joden op het ‘Wekenfeest’ neergestoken en de ruiten van vele huizen en winkels ingegooid. Vandaag, zo schrijft ze mij, rijden ze door onze wijk en noteren de huizen met mezoezot en ze stuurt mij een foto van een auto die voor de Joodse school tegenover haar langzaam rijdt en het schoolgebouw filmt. De tweede foto die ze me stuurt is van een man die voor haar huis staat en langs alle huizen loopt en bij de Joodse huizen, kenbaar aan de mezoeza aan de deurpost, zichtbaar een notitie maakt. Maar, zo schrijft ze mij in de Whatsapp, ik ben niet bang want uiteindelijk is alles in Zijn handen. Mijn andere dochter die in Londen woont heeft me een filmpje gestuurd van auto’s die door haar straat reden en met luidsprekers antisemitische leuzen uitkraamden en opriepen om Joodse vrouwen en Joodse meisjes te verkrachten. Canada is ver weg, hoor ik u denken. Londen, ondanks de Brexit, aanzienlijk dichterbij. Maar ook ik heb de eer mogen hebben: twee jongens van een jaar of 17 brulden mij na: Free Palestina! Toen ze door twee voorbijgangers hierop werden aangesproken en hen verzocht werd om gewoon met mij in gesprek te gaan want we zijn toch samen Nederlanders, gaf de een aan een Libanees te zijn en de ander Marokkaans en dat ze derhalve mij zelfs niet in mijn gezicht wilden kijken omdat ik een smerige Jood ben, waarvan ze walgden. Interessant dat ze ondanks gebrekkig Nederlands het woord ‘walgen’ goed en voorzien van duidelijke bodytaal, konden uitspreken. Was dus ook een deel van mijn ‘Weken-feest’. Voeg daaraan dan nog aan toe dat 490 Nederlandse Universitaire docenten een schriftelijke oproep deden aan onze regering om Israel te boycotten, en het waren me dus de ‘feestdagen’ wel!

Overigens had ik vorige week een virtuele zoom rondleiding gehad in het in oprichting zijnde Holocaust Museum. Indrukwekkend en belangrijk. Wat toen geschiedde mag nooit weer gebeuren. Maar ja, het risico bestaat natuurlijk wel dat de 490 Universitaire docenten te zijner tijd met een verklaring komen dat de Holocaust een wetenschappelijk aantoonbaar onderdeel is van het beroemde sprookjesboek van de gebroeders Grimm of op zijn gunstigst dat de Holocaust geen sprookje is, maar wel schromelijk overdreven, want het viel allemaal wel mee…….

Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel
Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks op
https://niw.nl/category/dagboek/