Joods Maastricht

Website van de Joodse Gemeente Maastricht

shiurim

  • Rooster Shiurim zondag 8 november - 13 november 2020, Shoshanas Ja'akov en Rabbijnen nl

    Tot nadere aankondiging zullen alle sjioeriem via zoom plaatsvinden

     

    datum

    Lokatie

    tijd

    spreker

    onderwerp

    Zondag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav J.B. Serfaty

    Parsjat Hasjawoea

    8 november

     

     

     

    Meeting ID 88613947530 Password 2020

     

     

    11:00 – 11:45

    Dhr W. van Dijk

    Hoera, ik voel mij ongelukkig

     

     

    20:00 – 21:00

    Rav S. Katzman

    Ramban op de Parasja

    Maandag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Gastvrijdheid

    9 november

    Zoom

    11:00 – 12:00

    Dr. E.D.E. Bialoglowski

    Gemara massechet Berachot

     

     

    20:00 – 21:00

    Rav M. Frankenhuis

    De halachot van een kosjer mikwe en de diepere achtergrond

    Dinsdag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav S. Katzman

    Tanya hoofdstuk 4

    10 november

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rav J. Vorst

    Pirke Avot

    Woensdag

    Zoom

    9:30– 10:15

    Rav L.B. van de Kamp

    Megilat Esther met Malbim

    11 november

    Zoom

     

    Zoom

    10:15– 11:15

     

    11:15 – 12:15

    Rav I. Vorst

     

    Rav Y.U. Dunner

    Wajecheeloe-en zij aten. Werkelijk of schijnbaar? Met of zonder mosterd? Gemara massechet Baba Kama

     

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rebbetsin S. Katzman

    Aan de keukentafel met… mevr.

     

     

     

     

    Esti Grossbaum-Van Halem

     

    Zoom

    21:00 – 22:00

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Kitsoer Sjoelcah Aroech

    Donderdag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Opperrabbijn R. Evers

    Medisch onderzoek bij embryoachtige

    12 november

     

     

     

    structuren en operaties aan het DNA bij

     

     

     

     

    embryo’s vanuit Joods perspectief

     

     

    Zoom

     

    20:00 – 21:00

     

    Rav M. Stiefel

    (Halacha en Hasjkafa/Filosofie)

    De wetten van de 39 verboden

     

     

     

     

    werkzaamheden van Sjabbat (deel 1)

     

    Zoom

    21:00 – 22:00

    Rav A. Plancey

    Parsjat Hasjawoea

    Vrijdag

    13 november

     

     

     

     

    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL YouTube.com/TorahNL

     

    ד”בס

     

    Thema Opperrabbijn R. Evers – sjioer donderdag 11 november 2020

     

    MEDISCH ONDERZOEK BIJ EMBRYOACHTIGE STRUCTUREN EN OPERATIES AAN HET DNA BIJ EMBRYO'S VANUIT JOODS PERSPECTIEF (HALACHA EN HASJKAFA/FILOSOFIE)

     

    Hierbij beantwoorden we de volgende vragen en behandelen we de onderstaande casus:

     

    Voor de uit stamcellen gekweekte entiteiten die (een deel van) de embryogenese afbeelden worden verschillende termen gebruikt: ‘synthetische embryo’s’, ‘embryomodellen’, ‘embryoachtige structuren’. Welke term heeft de joodse voorkeur en waarom?

    • Er zijn verschillende definities van een(menselijk) embryo. Hoe zou het jodendom een embryo definiëren?

    • Zijn ‘embryoachtige structuren’ volgens het Jodendom “embryo’s”? Waarom (niet)?

    • Veel mensen zijn het erover eens dat levende wezens een zekere mate van beschermwaardigheid toekomt. Welke overwegingen zijn relevant voor het bepalen van de relatieve beschermwaardigheid van verschillende levende wezens, waaronder de mens?

    • Vindt het Jodendom dat bij IVF overgebleven embryo’s (zogenoemde restembryo’s) mogen worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek?

    • Vindt het Jodendom dat menselijke embryo’s speciaal tot stand mogen worden gebracht om als onderzoeksmateriaal te dienen?

    • Vindt het Jodendom dat ‘embryoachtige structuren’ voor wetenschappelijk onderzoek mogen worden gemaakt?

    • Het is onduidelijk of ‘embryoachtige structuren’ wel/niet embryo’s zijn in de zin van de Nederlandse Embryowet. Hoe moeten we omgaan met de onzekerheid daarover: moeten we ze als embryo’s beschouwen zolang het tegendeel niet vaststaat? Of omgekeerd: mogen we ze als niet-embryo’s beschouwen zolang onduidelijk is of ze onder de wettelijke definitie van een embryo vallen?

    • Een mogelijke manier om ze met zekerheid buiten de huidige wettelijke definitie te houden is het inbouwen van een gen-variant die maakt dat ze niet-levensvatbaar zijn.

      Zou het standaard inbouwen van zo’n beperking aanvaardbaar/gewenst zijn?

    • Wat vindt het Jodendom van de implicatie van de huidige wettelijke definitie, dat niet-levensvatbare embryo’s bij voorbaat geen embryo’s zijn en dus buiten de reikwijdte van de beschermingsdoelstelling van de wet vallen?

    • Wat vindt het Jodendom van de voorwaarden die in de Nederlandse Embryowet aan onderzoek met menselijke embryo’s worden gesteld?

    • Welke specifieke voorwaarden (if any) zouden volgens het Jodendom moeten worden gesteld aan het maken/gebruiken van ‘embryoachtige structuren’ voor wetenschappelijk onderzoek?

       

      BEHANDELING CASUS

       

      Casus: Een stel waarvan één partner de ziekte van Huntington heeft, heeft een kinderwens. De kans dat hun kind de ziekte van Huntington krijgt, is 50%. Als zij dit willen voorkomen, hebben zij nu twee mogelijkheden:

       

      • op natuurlijke wijze zwanger worden en daarna prenatale diagnostiek uitvoeren met eventueel abortus als het kind aangedaan is,

         

      • een IVF-traject met PGD (embryoselectie), waarbij de embryo’s getest worden en alleen als er een gezond embryo is, dit teruggeplaatst wordt in de baarmoeder.

     

    Een optie die nu nog niet beschikbaar is, maar mogelijk minder belastend is, is het aanpassen van DNA bij hun embryo.

     

    De vraag is: Als het mogelijk zou zijn, is in dit geval het aanpassen van embryo-DNA toegestaan en waarom? Welke onderliggende waarden vanuit de joodse levensbeschouwing spelen hierbij een rol ?

  • Rooster Sjioerim 29 tot en met 4 december 2020

    ד"
    In de week van zondag 29 november tot en met vrijdag 4 december a.s. vinden de volgende sjioerim Jeshivas Pensionariem ‘Shoshanas Ja’akov’ en Rabbijnen NL plaats
    datum Lokatie tijd spreker onderwerp  
    Zondag
    29 november
    Zoom
    Zoom
    10:00 – 11:00
    11:00 – 11:45
    Rav J.B. Serfaty
    Dhr W. van Dijk
    Parsjat Hasjawoea
    Meeting ID 85233324018
    Password 6936
    Hoera, ik voel mij ongelukkig
     
      Zoom 20:00 – 21:00 Rav S. Katzman Ramban op de Parasja  
      Zoom 21:00 – 22:00 Rav M.Z. Ball Yaacov’s battle with the angel; what  
            impact does this have on us today?  
    Maandag JCC & Zoom 10:00 – 11:00 Rav M. Stiefel Parsjat Hasjawoea  
    30 november JCC & Zoom 11:00 – 12:00 Dr. E.D.E. Bialoglowski Gemara massechet Berachot  
    Dinsdag Zoom 10:00 – 11:00 Rav S. Katzman Tanya hoofdstuk 7  
    1 december Zoom 20:00 – 21:00 Rav J. Vorst Pirke Avot  
    Woensdag JCC & Zoom 9:30– 10:15 Drs J.N. de Leeuwe Gemara massechet Sanhedrin 91a en b  
    2 december JCC & Zoom
    JCC & Zoom
    10:15– 11:15
    11:15 – 12:15
    Rav S. Katzman
    Rav Y.U. Dunner
    Rabbi Mosje ben Nachman; zijn leven en zijn nalatenschap
    Gemara massechet Baba Kama
     
      Zoom 20:00 – 21:00 Rebbetsin S. Katzman Aan de keukentafel met…
    mevr. Batja Wharhaftig-Katz
     
      Zoom 21:00 – 22:00 Opperrabbijn B. Jacobs Kitsoer Sjoelchan Aroech  
    Donderdag          
    3 december Zoom 20:00 – 21:00 Rav M. Stiefel De wetten van de 39 verboden  
            werkzaamheden van Sjabbat (deel 3)  
      Zoom 21:00 – 22:00 Rav A. Plancey Parsjat Hasjawoea  
    Vrijdag
    4 december
             
    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL YouTube.com/TorahNL
  • Rooster Sjioerim Rabbijnen NL 15-20 november 2020

    In de week van zondag 15 november tot en met vrijdag 20 november a.s. vinden de volgende sjioerim Jeshivas Pensionariem ‘Shoshanas Ja’akov’ en Rabbijnen NL plaats
    Tot   nadere aankondiging  zullen alle sjioeriem via zoom plaatsvinden
    datum Lokatie tijd spreker onderwerp
    Zondag
    15 november
    Zoom 10:00 – 11:00 Rav J.B. Serfaty Parsjat Hasjawoea
    Meeting ID 88613947530 Password 2020
    11:00 – 11:45 Dhr W. van Dijk Hoera, ik voel mij ongelukkig
    20:00 – 21:00 Rav S. Katzman Ramban op de Parasja
    21:00 – 22:00 Rav S. Frankenhuis Hilchot Chanoeka
    Maandag
    16 november
    Zoom
    Zoom
    10:00 – 11:00
    11:00 – 12:00
    Rav S. Katz
    Dr. E.D.E. Bialoglowski
    David Pardo: halachische finesses van de Nederlandse auteur van een internationale kitsoet uit de 17e eeuw
    Gemara massechet Berachot
    20:00 – 21:00 R’ David Sztejnhauer Who is Esav?
    Dinsdag Zoom 10:00 – 11:00 Rav S. Katzman Tanya hoofdstuk 5
    17 november Zoom 20:00 – 21:00 Rav J. Vorst Pirke Avot
    Woensdag Zoom 9:30– 10:15 Drs. J.N. de Leeuwe Gemara massechet Sanhedrin 91a en b
    18 november Zoom
    Zoom
    10:15– 11:15
    11:15 – 12:15
    Rav J. Sigal
    Rav Y.U. Dunner
    How could Yitzchak think to give blessings to Esav?
    Gemara massechet Baba Kama
    Zoom 20:00 – 21:00 Rebbetsin S. Katzman Aan de keukentafel met…
    Zoom 21:00 – 22:00 Opperrabbijn B. Jacobs mevr. Feigele Spiero Orgaandonatie
    Donderdag Zoom 10:00 – 11:00 Dr. Ortal Paz Saar The Jewish magical tradition
    19 november Zoom 20:00 – 21:00 Rav M. Stiefel De wetten van de 39 verboden werkzaamheden van Sjabbat (deel 2)
    Zoom 21:00 – 22:00 Rav A. Plancey Parsjat Hasjawoea
    Vrijdag
    20 november

    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL
    YouTube.com/TorahNL

     

    Lecturer: Ortal-Paz Saar

    short introduction:

     

    Dr. Ortal-Paz Saar is a researcher of Jewish cultural history in Late Antiquity and the Middle Ages. She is Assistant Professor of Ancient History at Utrecht University. She has published two books, one on Jewish Love Magic(2017) and a co-authored one on Aramaic Magic Bowls(2018), as well as articles on Jewish magic and its connection with Greek and Roman polytheism, Christianity and Islam. Ortal-Paz is particularly interested in portraying the interaction between different religious traditions. At present her research focuses on Jewish funerary culture, and she is completing a new book titled Lives of Jews in Italy: The Prism of Funerary Inscriptions.

  • schema van de shiurim van rabbijnen nl vanaf 19 juli

    image003

    poster shoshanna

  • Schrijf nooit iets op als je geïrriteerd bent

    Een telefoontje uit Zevenaar. Om een lang verhaal kort te maken. Er was daar ooit een kaasfabriek gevestigd en die verkochten ook koosjere kaas. Via Facebook “Joodse Geschiedenis in Nederland” kwamen ze aan mijn adres. De historicus, die de kaasfabriek vanuit historisch perspectief bestudeert, had uitgevonden dat er eens per maand een korte man met zijn zus met de auto naar Zevenaar kwamen om die kaas op te kopen. De zuster reed de auto, want haar broer was kennelijk wel de kaaskunst meester, maar beheerste niet de rijkunst.

     

    En nu is dus die historicus aan het uitvissen wie die korte Joodse man met zus kan zijn geweest, zo’n 60 jaar geleden. En dus komt hij uit bij de rabbijn. En terecht, want het was bijna meteen bingo! Dat moet Kaas-Kohn zijn geweest met zijn zuster. Zij woonden ergens in de buurt van de Wielingenstraat in Amsterdam Zuid, vlakbij de plaats waar nu de Nieuwe RAI zo’n 60 jaar geleden is verrezen. Hij was een soort groothandelaar in kaas en ik herinner mij dat we af en toe bij hem de kaas kochten en dat de opbergruimte waar de kaas lag opgeslagen niet een koeling was. Neen, de kaas lag altijd onder zijn bed in zijn slaapkamer.

     

    Overigens wilde de historicus ook weten of er nog nazaten bestonden van Kaas-Kohn, zoals de heer Kohn in de wandelgangen werd genoemd. En inderdaad kon ik hem het adres van zijn zoon geven die een koosjere groothandel heeft in Londen. En raadt eens wat zijn voornaamste handelsproduct is? Inderdaad: kaas. Overigens vroeg ik mezelf wel af hoe mijn dagboek terechtgekomen is op de Facebookpagina van Joodse Geschiedenis in Nederland. Maar als 70+ moet ik dat maar zonder te veel nadenken gewoon aanvaarden.

     

    Wat ik niet aanvaard is de onderstaande reactie die ik ontving op mijn dagboek van een paar dagen geleden:
    “Met veel belangstelling volg ik uw dagboeken. Helaas nu met een bijsmaak, sinds u schreef over de persoon met een Joodse opa. Van mijn vader ken ik de verhalen over de afwijzing die hij regelmatig ervaren heeft als zijnde 'Vader-Jood'. Zelf werd ik als kind voor Jood, of Jodenjong uitgemaakt, terwijl ik niet wist waarom, de buurt blijkbaar wel..., waardoor er Joods of niet, toch een zekere verwevenheid met het Jodendom is ontstaan in onze identiteit. Natuurlijk zou er vandaag de dag, geen Joods volk bestaan, zonder dit principe, 'alleen Joods via de moeder’. Wij zijn, Zionistisch ingestelde bastaarden (Heidenen? Samaritanen?) mijn vader, broer, oom en nichtjes, als kleine kudde, overgebleven van 79 naar Auschwitz en Sobibor, weggevoerde familieleden, inschikkelijk, we doen een stapje terug voor het 'hogere doel', maar auw! Best pijnlijk dat zo duidelijk door u onder de neus gewreven te krijgen, met ook de venijnigheid waarmee u het schreef, dat wou ik u toch even gezegd hebben... Als bastaarden en heidenen, maar net zo goed 2e en 3e generatie, hebben ook wij de klap van de zweep tot aan de dag van vandaag gevoeld, graag uw begrip daarvoor, we zijn niet besmettelijk en nog steeds geschapen naar Gods beeld, net als u.…”

     

    Oeps, was mijn primaire spontane en geschrokken reactie.

    Meteen ben ik het betreffende dagboek gaan herlezen, een keer, twee keer. Ik begrijp dat iemand de vertaalslag heeft gemaakt, maar het staat er niet en bovendien weet ik van mezelf dat ik zoiets bots ook nooit zou schrijven. En dus heb ik meteen een email gestuurd met het verzoek mij te bellen of als de schrijver mij zijn telefoonnummer geeft, bel ik hem. Binnen enkele minuten hadden we elkaar aan de lijn. Ik ben begonnen met een onvoorwaardelijk excuus en daarna als toevoeging dat mijn geïrriteerde passage uit het betreffende dagboek betrekking had op de dwangmatigheid waarmee het verzoek werd gedaan aan mij om aan een mij onbekende man een rabbinale verklaring af te geven. Hij klaagde over de Israëlische Overheid omdat hij jaarlijks een leges moest betalen voor een verblijfsvergunning omdat hij kennelijk in Israël woonachtig was. Mijn geïrriteerdheid, aan het digitale papier toevertrouwd, had helemaal niets te maken met de vraag of de persoon in kwestie wel of niet conform de halaga -de Joodse wet- als Jood werd beschouwd.

     

    We hebben een heel fijn gesprek gehad, over en weer excuus aangeboden. Ja, als zoon van een Joodse vader en een niet-Joodse moeder voelde hij zich tussen wal en schip. Ik begrijp dat erg goed, probeer ook waar ik kan tot steun te zijn in dit soort lastige situaties. Maar laat ik heel duidelijk zijn: Voor de buitenwereld is mijnheer Cohen, ook als alleen zijn bet-bet-overgrootvader Joods zou zijn geweest, nog steeds een Jood en heeft hij evenveel te lijden van antisemitisme als ik. En dus: waar mogelijk zal ik hem helpen en voor zijn belangen opkomen.

     

    De les voor mij: 1: raak nooit geïrriteerd. 2: schrijf nooit iets op als je geïrriteerd bent. Boosheid is een slechte eigenschap, staat halagisch bezien op het niveau van afgodendienst. En zelfs als je bewering goed bedoeld was en er geen spijker tussen te krijgen is: boosheid zal altijd een negatieve uitwerking hebben, en dat moet ik niet willen! En raadt eens wat: gelijk ik nu mijn spijt betuig via dit dagboek, na het al persoonlijk telefonisch gedaan te hebben, ontving ik ook voor de tweede keer een excuus e-mail van de ‘tegenpartij’. Ons contact had een vervelend begin, maar van ‘tegenpartij’ is nu helemaal geen sprake meer. We zijn onuitgesproken vrienden geworden!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.

  • Stromingen, Dagboek van een Opperrabbijn 23 september

    Gisteren had ik beloofd om uitleg te geven over de diverse stromingen binnen het Jodendom en hoewel uitleg en leringen niet echt tot een dagboek behoren, ben ik toch maar zo vrij om de vrijheid die ik heb te misbruiken.  Van-huis-uit ben ik een typische jekke. Ik vermoed dat u, speciaal mijn niet-joodse lezer, het even niet kunt volgen. Het Jodendom bestaat uit stromingen die weliswaar precies dezelfde uitgangspunten hebben qua wetgeving (halaga) en qua geloofspunten, maar die onderling verschillen in beleving. Uitleg: een gezin met tien kinderen. Allen gaan ze dagelijks naar school (althans in het precorona tijdperk), ze doen allen aan sport, eten allemaal, slapen, lezen etc. Allen doen ze alles, alleen de een legt meer de nadruk op sport, de ander is meer een boekenwurm. Zo ook bestaat het Traditionele Jodendom, dat de eeuwen heeft weten te trotseren, uit stromingen die onderling geen dogmatische verschillen kennen, maar wel andere aspecten benadrukken. Een voorbeeld: er is een stroming die vrij in zichzelf is gekeerd, om zichzelf een muur heeft gebouwd om het moreel verval van onze huidige maatschappij buiten de deur te houden. Een andere stroming zal juist omdat er ‘buiten’ veel rotzooi is, geen muur opwerpen maar juist het ‘buiten’ opzoeken om de wereld te verbeteren. Beide benaderingen hebben hun voor en tegen. Door om mezelf en om mijn gezin een muur te bouwen, loop ik het risico dat de sfeer thuis verstikkend werkt en de kinderen als het ware uitbreken, de engte van het geloof niet meer aankunnen en hun leven buiten het geloof gaan plaatsen. En als er geen muren meer zijn, bestaat het risico dat niet de rabbijn de samenleving beïnvloedt, maar de alles-mag-en-en-alles-kan-cultuur de rabbijn. Welk van de twee stromingen is de juiste? Antwoord: beiden zijn juist, maar verschillend. Ik zit dus bij die tweede stroming, vandaar mijn naar-buiten-treden, vandaar dit dagboek, vandaar contact met andersdenkenden. Maar vandaar ook dat ik voortdurend moet oppassen geen grenzen te overschrijden en me niet door de omgeving te laten beïnvloeden. Maar ook moet ik ervoor waken geen situaties te creëren die verkeerd vertaald zouden kunnen worden. Was het veertig jaar geleden geen enkel probleem om een bejaarde dame thuis te bezoeken, heden ten dage moet ik daar erg voorzichtig mee omgaan. Derden zouden vertaalslagen kunnen maken die ongepast zijn en schadelijk. Maar dat is toch niet uw probleem, hoor ik u denken. Mis! Gelijk kwaadsprekerij een verbod is, is het ook verboden door je eigen gedrag anderen de gelegenheid te bieden om over jou te gaan roddelen. En dus trek ik erop uit en ben voortdurend mezelf aan het afvragen: waar ligt de grens? Maar, en daarmee begon ik dit dagboek, wat is een jekke? Jekkes zijn Duitse en Nederlandse Joden. Heel punctueel, altijd op tijd, alles van tevoren vastgelegd, een dagelijks ritme dat weinig ruimte laat voor het toeval. In het Nederlands zouden we zeggen: typisch Calvinistisch. Maar ik heb een beetje en langzaam dat jekkische huis verlaten en vertoef nu in de sfeer van dat Jodendom zonder muren, maar wel met die ietwat neurotische drang naar geordendheid. Vandaar onder andere dit dagboek, dat dus al maandenlang verschijnt en dagelijks precies op tijd klaar is. Mijn geordende achtergrond laat het niet toe om af en toe toch een dagje over te slaan!  U kunt me nu dus een beetje beter plaatsen.

     

    Maar vandaag had ik geen goed omlijnd programma. Voorbereiding voor Jom Kippoer, de Grote Verzoendag, zondagavond en de gehele maandag. Toespraak voorbereiden. Ook nog morgenavond een zoom-lezing. En natuurlijk, omdat ik voorga in de gebeden, dat weer voorbereiden. Ik ken de gezangen en melodieën wel, maar toch moet ik dat ieder jaar weer opnieuw vooraf doornemen. Een jonge collega wil dat ik een bepaald deel van de dienst inzing op zijn whatsapp, dus dat heb ik vandaag ook nog even gedaan en, zeer belangrijk, mijn wandeling-op-tempo ontbrak vandaag niet, hoewel ik de laatste dagen wel te veel spijbel in dezen. Niet goed en strookt niet met mijn jekkisch geordende gedrag.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks

  • Vaccin verliest van de Minister, Dagboek van een Opperrabbijn, 1 november 2020

    Mijn blik viel vandaag op de column in het NIW van Michel Waterman waarin hij schrijft: “Ik moet vandaag mijn column inleveren en heb nog geen onderwerp. Ik kan u verklappen dat mijn bewondering voor columnisten die dagelijks produceren, sterk is toegenomen.”

     

    Toen ik dit had gelezen vroeg ik mezelf gevleid af of dat compliment voor mij bedoeld was. En dus rees bij mij de vraag: Ben ik nou rabbijn of columnist? Maar toen dacht ik ook even terug aan die psychotherapeut die mijn dagboek zag als een therapie. Na enig denkwerk kwam ik tot de conclusie dat mijn dagboek een combinatie is van 1: rabbijn 2: columnist 3: therapie. En dus was het compliment van Waterman niet aan mij gericht. Jammer, want af en toe heb ik wel behoefte aan een schouderklopje (met de ellenboog uiteraard, vanwege corona!), speciaal als ik weer eens onder vuur lig.

     

    Een ietwat uit de context gehaalde krantenkop haalde een paar voorpagina’s, waarna mensen gingen reageren. Dat was geweldig want dat betekent dat ik niet tegen dovenmansoren schrijf, mijn boodschap komt aan. Wat mij bijna stoorde was dat een (buitenlandse) collega, die kennelijk weinig anders te doen heeft dan het volgen van mijn dagboek, in contact is getreden met de niet-joodse journalist om tegen de (onhandige) krantenkop te protesteren. Het vloog even door mijn gedachte om hem een WhatsApp te sturen met mijn telefoonnummer. Dan kan hij bij een volgende gelegenheid eerst even bellen alvorens van een mug een olifant te maken bij de journalist die mij dan weer belt en niet snapt waarom hij boos wordt benaderd. Maar die WhatsApp heb ik niet gestuurd en ga ik ook niet sturen. Reden?

     

    Geleerd uit het gesprek tussen Awraham en Lot waarover sjabbat jl. werd gelezen in alle synagogen ter wereld: “Er ontstond twist tussen de herders van de kudden van Awram en de herders van de kudden van Lot…. Toen zei Awram tegen Lot: Laat er toch geen twist zijn tussen mij en jou en tussen mijn herders en jouw herders….Maak je toch los van mij; als het naar links is, ga ik naar rechts, is het naar rechts, dan ga ik naar links (Bereesjiet/Genesis 13:7-9). Waarom, mogen we ons afvragen, laat Awraham de keus aan Lot. Het gebied, het latere Israël, was toch het eigendom van Awraham. G’d had hem dit stuk grond toegezegd. Hij had Lot kunnen aantonen dat hij de beste papieren had!? Als we de Hebreeuwse tekst even grammaticaal bekijken zien we dat het Hebreeuwse woord voor twist de eerste keer in de mannelijke vorm staat en de tweede keer in het vrouwelijk. Twisten ontstaan het snelst tussen mensen die heel veel met elkaar samen zijn. De meest geschikte plaats voor twisten is dus het huwelijk! Hoe gaan we hiermee om? Moet de man proberen zijn gelijk te halen? Moet de vrouw voet bij stuk houden? De beste manier om met (huwelijkse) meningsverschillen te dealen is: accepteren! En daarom staat het woord twisteen keer in de vrouwelijke verbuiging en een keer in de mannelijke. Awraham begreep dat hij zijn gelijk had kunnen halen bij Lot, maar was er ook van doordrongen dat het beter is om de tegenstander, Lot in dit geval, gewoon z’n zin te geven. Voor de toekomst betekent dit winst. En dus zal ik mijn weleerwaarde collega in dezen niet benaderen en als we elkaar weer tegenkomen gewoon doen alsof mijn neus bloedt! Therapeutisch (3) heb ik het dus bij deze van me afgeschreven, ik heb er een column (2) van gemaakt en, het meest belangrijk, ik heb geleerd (1) van onze aartsvader Awraham!

     

    Wat we dus merken is, dat mensen vaak niet in staat zijn om buiten hun eigen beperkte cocon te kijken en/of te denken. Zoiets heet egoïsme, gevolg van de afgod IK. En dat probleem komen we helaas veelvuldig in onze samenleving tegen en kan zeer schadelijk zijn.

     

    Dr. Marcel Levi, medisch directeur van tien ziekenhuizen in Londen en de zoon van mijn voormalige voorzitter van het Sinai Centrum, is van mening dat het vaccin tegen corona reeds nu toegediend zou moeten worden. Maar de Britse Minister wil dat nog niet omdat misschien één van de 50.000 last zou kunnen krijgen van een bijwerking omdat het vaccin nog niet 100% is uitgetest. Levi legde de Minister uit dat zelfs als één op de 50.000 een ongewenste bijwerking krijgt, het nog steeds de moeite waard is om het vaccin reeds nu in te zetten, omdat daarmee voorkomen kan worden dat honderden besmet worden met corona en een algehele Lockdown de samenleving ernstig ontwricht. De Minister reageerde hierop, volgens de krant die Dr. Levi citeerde, dat als honderden sterven aan corona, hij, de Minister, nauwelijks verwijten zal krijgen. Maar als er ook maar één persoon slachtoffer wordt van het vaccin dat hij heeft goedgekeurd, hij met kritiek zal worden overstelpt. De Britse Minister is dus ook een volgeling van de afgod IK, gelijk mijn collega, met dien verstande dat er door het gedrag van de Minister, G’d behoede, mensen komen te overlijden, maar het gedrag van mijn collega heeft een positief resultaat: een onderwerp voor mijn dagboek van vandaag!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

     

  • Verstoord contact, Dagboek van een opperrabbijn, 27 oktober 2020

    Als rabbijn mag je steeds vooraan staan, ik mag rondlopen met mijn koninklijke onderscheiding, verschijn in de media en nog veel meer van dit soort leuke dingen. Maar verkijk u niet! Er zijn vele nare klussen. Werk achter de schermen. Fouten begaan door derden die ik mag rechtbreien. Tragedies die ik mag proberen te begeleiden. Beslissingen nemen voor andere mensen die op mijn kompas willen varen. Jaloezie! Gisteren kwam iemand naar me toe met de oprechte vraag waarom ik niet gewoon stop met mijn werk. Gewoon met pensioen, genieten van de natuur, veel op vakantie gaan. Maar zo zit ik niet in mekaar. Ik ben naar Nederland gekomen om de Joodse gemeenschap te steunen, daar waar mogelijk te bouwen, een bijdrage te leveren. Is dat altijd makkelijk? Altijd leuk? Zeker niet! Maar het leven is nu eenmaal niet altijd gezellig.

     

    Ik herinner mij toen mijn voorganger Opperrabbijn Berlinger zl. mij vroeg om hem op te volgen. Hij zat al in een rolstoel toen hij mij, bij het 25-jarig bestaan van het Sinai Centrum in Amersfoort, publiekelijk aankondigde als zijn opvolger. Nadien vroeg hij of ik taken van hem wilde overnemen. Ik heb daarop positief geantwoord, maar, zo gaf ik aan, problemen die gekoppeld zitten aan het afgeven van zogenaamde Rabbinale Verklaringen en het erkennen van buitenlandse gioer-toetredingsverklaringen, dat wil ik graag zo lang mogelijk bij u laten. Daar tuimelde hij niet in: alles of niets! En dus koos ik voor het ‘alles’. En dus zit ik mijn hele rabbinale loopbaan (hoewel ik me afvraag of rabbijn überhaupt wel een baan is!) vast aan vele erg onplezierige klussen waarmee je echt geen vrienden maakt!

    Wat speelde er dan bijvoorbeeld vandaag? Een hoogbejaarde aardige man is al jarenlang lid van een Joodse Gemeente. Het sukkelige is dat het bestuur in wijsheid (want over wijsheid menen de meeste bestuurders royaal te beschikken!) had besloten de man lid te laten worden zonder na te laten trekken door ons Opperrabbinaat of hij überhaupt wel Joods is. En nu is hij ziekelijk, begint zich zorgen te maken over zijn begrafenis op de Joodse begraafplaats, zegt zelf dat hij waarschijnlijk niet Joods is en mag ik nu uitzoeken wat zijn status is. En na enig speurwerk is het antwoord op die vraag: Neen! Een erg aardige en vriendelijke man, maar niet Joods dus! Aan mij was vandaag de eer om hem dat te gaan vertellen!

     

    En dan ook nog een gesprek met een niet-joodse man die erg geïnteresseerd is in Jodendom, nadrukkelijk zonder joods te willen worden. En dus heeft hij een vereniging opgericht, genaamd Vrienden van de Voormalige Synagoge X. om de niet meer in gebruik zijnde vroegere synagoge weer min of meer in ere te herstellen en hebben ze een lokale Joodse man zo’n beetje als hun Rebbe aangenomen. De Rebbe geeft cursussen, houdt lezingen, treedt naar buiten als het gezicht van Joods X., laat zich goed betalen, kraamt de nodige onzin uit over Joodse tradities en blijkt van geen kant Joods te zijn! Zoiets heet dus misleiding en/of oplichting. En nu mocht ik vanochtend een gesprek hebben met de voorzitter van de Stichting Vrienden van de Voormalige Synagoge X. om te kijken hoe alle aangerichte schade weg te werken, waaronder een financieel probleem want de zogenaamde Joodse Rebbe heeft het ook nog gepresteerd om er met een gedeelte van de kas vandoor te gaan.

     

    Dan is er op een andere plaats een klein foutje gemaakt door een lokale functionaris en is er iemand begraven op de Joodse begraafplaats die achteraf bezien helemaal niet Joods is. De niet-joodse familie is hierover redelijk kwaad en wil een her-begraving op een niet-joodse begraafplaats op kosten van de Joodse Gemeente. Maar we kunnen natuurlijk niet zomaar gaan opgraven en verplaatsen!  Hoe dit op te lossen weet ik nog niet, maar ik zal er wel weer iets op (moeten) vinden. Ik krijg soms van die oplossende ingevingen out of the blue, waarover ik mezelf verbaas.

     

    Ondertussen had ik eindelijk mijn nieuwe laptop gekregen. Een groot scherm gekoppeld aan een hoogwaardige kleine laptop. Maar totdat ik dat volledig aan de praat had gekregen, was ik een halve dag verder. Het grote scherm is een verademing en de kleine laptop pijlsnel. Alleen klopte er iets niet in de verbinding tussen de pijlsnelle laptop en het grote scherm. Maar na uren experimenteren heb ik, na de aanwijzingen van een deskundige te hebben opgevolgd, de laptop en het scherm aan elkaar weten te koppelen. En in feite is dat een essentieel onderdeel van mijn rabbinale baantje: verstoorde koppelingen repareren en zorgen dat als gevolg van een goede samenwerking de juiste beelden worden gevormd. Ik moest hieraan speciaal denken toen ik een telefoontje kreeg van Koen. Koen werkt voor Christenen voor Israel in Oekraïne. Zijn enige doel is: lokale rabbijnen helpen met hun werk voor de Joodse gemeenschap. Koen belt me omdat hij ontevreden is over de opstelling van een van de rabbijnen die hij met honderden voedselpakketten en medicijnen heeft gesteund. De rabbijn wil/kan geen verantwoording afleggen over de hem geschonken pakketten. Tien minuten later een totaal ander verhaal van de jonge rabbijn. Hun probleem lijkt erg veel op dat probleem tussen mijn kleine pijlsnelle laptop en het grote zichtbare scherm. Ze spraken verschillende talen, werkten niet op dezelfde golflengte, ergens een verkeerde instelling met als gevolg: een communicatiestoornis. Dat computerprobleem is dus inmiddels opgelost, maar samenwerking tussen de jonge rabbijn en de keihard werkende Koen nog niet….

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks opwww.niw.nl

  • Vrijheid van meningsuiting…maar wel met grenzen! Dagboek van een Opperrabbijn 9 november 2020

    Geïnspireerd door een wijze oude dame die heel voorzichtig mijn mening vroeg over het beledigen van andersdenkenden bijvoorbeeld in een cartoon, kwam ik tot de conclusie dat vrijheid ook grenzen behoeft. De eerste vraag is natuurlijk: wat is beledigen? Ik las in ‘mijn eigen NIW’: “Er moet worden gevreesd dat het beleid van de vliegtuigmaatschappij (ELAL) er alleen maar orthodoxer op zal worden”. Wat wordt hiermee bedoeld? En wat is orthodox? Je wel of niet aan de wetten houden, als dat bedoeld wordt met orthodox, is niet hetzelfde als goed of slecht. Ik herinner mij Gerhard en Beppie Caneel, overlevenden van de oorlog. Door en door goede lieve zachtaardige mensen. Beiden ernstig beschadigd uit de oorlog gekomen en toch altijd opgewekt. Iedere sjabbath kwamen ze naar de sjoel, maar verder leefden ze niet echt volgens de Joodse wetten. Mijn Jodendom zit ik mijn hart, zei Gerhard vaak. En dat was een zichtbare waarheid. Maar zij werden wel als orthodox beschouwd door gemeenteleden die alleen op de Hoge Feestdagen in de synagoge verschenen, dus drie keer per jaar. En mensen die alleen op de Grote Verzoendag in de synagoge kwamen vonden die Hoge Feestdags-Joden orthodox en mij waarschijnlijk zeer orthodox. Met andere woorden: wie legt waar welke grens? En de allerbelangrijkste vraag: moeten er wel grenzen worden gelegd? Waarom al die hokjes? Ik ben Joods en net zo Joods als Beppie en Gerhard. En of ik goed ben? Dat wordt Boven bepaald! Maar ik weet 100% dat Beppie en Gerhard door en door goede mensen waren. En dus vind ik ‘de vrees dat de ELAL orthodoxer zal worden’ een polariserende vermelding. En polarisatie is gevaarlijk, ongeacht of dit in woord is of in beeld.

     

    En ik dus gevraagd aan een aantal overlevenden wat zij vinden van de zorg van die wijze oude dame over het bewust beledigen van andersdenkenden. Alle overlevenden die ik heb benaderd deelden haar mening dat er grenzen moeten zijn aan vrijheid van meningsuiting. Ieder mag vinden dat zijn manier van denken de enige juiste is, maar er moet wel ruimte zijn voor anderen om er een andere mening op na te houden. Als ik in vlijmscherpe woorden een andere godsdienst of leefwijze veroordeel, dan moet dat mogelijk zijn. Maar als mijn veroordeling oproept om de ander te doden of te discrimineren, dan moet ik keihard tot de orde worden geroepen en wegens opruiing achter slot en grendel verdwijnen.

     

    Maar wat als ik alleen maar beledig? Als dat mag, waarom hebben wij, als Joodse gemeenschap, ons dan zo opgewonden over de praalwagens in Aalst? Alles-mag-en-alles-kan toch?

     

    Enige jaren geleden werd ik geconfronteerd met een educatief audiovisueel programma vanuit de kerken. De beelden werden met zand gevormd. Er waren beelden en een verteller. Het onderwerp was het ontstaan van het Christendom. Voor- en tegenstanders van de nieuwe godsdienst waren allen Joden. Maar in de uitzending hadden de tegenstanders lange neuzen, keken allemaal erg boos en wekten de indruk dat het slechte mensen waren. Wat voor invloed zullen die beelden hebben op de jeugdige kijkers van dat programma? Met een bevriende predikant zijn we naar de makers van het programma gegaan met als resultaat dat zij het hele programma hebben aangepast. Hun bedoeling was absoluut niet om haat te zaaien!  Ik ben een keiharde fanatieke super ultraorthodoxe voorstander van de vrijheid van godsdienst, vrijheid van meningsuiting en vrijheid van pers.  Maar wat als er niet wordt opgeroepen tot geweld, maar er wordt ‘slechts’ beledigd. Wat dan?  Die oude wijze dame is de mening toegedaan dat ook beledigen onjuist is. Ik deel haar mening. De medemens geestelijk de grond inboren, diep kwetsen vind ik onaanvaardbaar. En dus mag ik protesteren tegen de praalwagen in Aalst omdat ik dat ervaar als beledigend. De Jood met lange neus, bakken met geld en dollartekens. Ik mag ook naar de rechter stappen. Maar geweld tegen een praalwagen die een boodschap verkondigt die ik gevaarlijk vind, het recht in eigen hand nemen of oproepen om het recht in eigen hand te nemen: no way! En dus denk ik dat die oude wijze dame, zelf een overlevende van de Shoah, gelijk heeft. Alles-kan-en-alles-mag moet kunnen, maar niet onbegrensd. En daarom was ik zo verheugd dat ik zondag jongstleden ondanks corona toch met burgemeester Marcouch in Arnhem voor het Joodse monument een krans mocht leggen. Een Islamitische burgemeester en een Joodse rabbijn, stonden (vanwege corona alleen in geest) hand in hand te demonstreren dat wat toen kon gebeuren nooit weer mag geschieden. En enige uren later verklaarde de scriba van de PKN, tijdens de virtuele herdenking van de Kristallnacht, luid en duidelijk dat we samen, vanuit een diep gevoel van verbondenheid, gaan strijden tegen antisemitisme en voor vriendschap. Vrijheid van meningsuiting, van pers, van geloof: Zeker. Maar…….wel met grenzen!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

  • Ze hebben mijn schoonvader niet kapot gekregen, Dagboek 4 november 2020

    Aanstaande zondag wordt de Kristallnacht herdacht. Uiteraard, helaas, zonder publiek. Met weemoed, als je zo kunt spreken over een herdenkingsbijeenkomst, denk ik terug aan al die jaren dat ik aanwezig was in de Portugese Synagoge in Amsterdam. Toch kan het heel wel zijn dat juist dit jaar er meer deelnemers zullen zijn. Gisteravond sprak ik namelijk via Livestream over “Gebed in de Joodse traditie”. Als er een volle zaal zou zijn geweest, dan hadden we misschien honderd deelnemers gehad. Maar nu waren het minstens vier keer zoveel, en dit dan nog even los van mensen die op een later tijdstip gaan kijken. Overigens was ik wel enigszins beducht dat er veel minder kijkers zouden zijn dan gewoonlijk als ik via Livestream spreek, vanwege de persconferentie van premier Rutte. Ik had vermoedelijk wel iets minder kijkers dan de premier, maar toch, volgens de deskundigen, had ik een hoge score! Toen ik begon te spreken bekroop mij wel even het negatieve gevoel dat er geen hond zou luisteren. Maar dat gevoel werd meteen in de kiem gesmoord omdat de presentatrice, Sara, haar hondje had meegenomen die zonder een keer te blaffen de hele lezing braaf heeft gevolgd.

     

    Het is dus bijna zeker dat er dit jaar veel meer ‘aanwezigheid’ zal zijn bij de Kristallnacht herdenking, die via een of andere inloglink te volgen zal zijn, dan vorige jaren. 

     

    ‘Joods bij de EO’ wil graag na afloop van de uitzending van zondag 16:00 uur een reactie van mij in hun tv-uitzending later die avond NPO2 om 23:00 uur. En dus zat ik vandaag van 12:15 uur tot 15:30 uur in de synagoge van Amersfoort met een cameraploeg die 8:40 minuten heeft opgenomen met mijn reactie en dan ook nog 3:53 minuten van Eddo Verdoner, voorzitter van het CJO, het Collectief Joods Overleg. Overigens was de cameraploeg al in de synagoge om 11:00 uur. Dus al met al: vier en een half uur opname voor 12 minuten en drieëndertig seconden uitzending. Maar het gaat wel een mooie uitzending worden vanuit de prachtige oudste-in-gebruik-zijnde synagoge van West-Europa, met ook nog wat beelden van de pittoreske omgeving, de binnenstad van Amersfoort.

     

    Op tafel staat bij ons een 24-uurs kaarsje te branden, net aangestoken. Mijn vrouw heeft Jaartijd van haar vader. Jaartijd is de sterfdag. Acht jaar geleden is hij in Londen overleden. Hij was een Refugé Polonais, een Pools vluchteling. Maar dat was hij dus geheel niet. Hij is een overlevende van de USSR, de Sovjet-Unie, en van de Duitsers. Na de oorlog in Poking, een ontheemdenkamp in Duitsland, opgevangen door de Joint, een Amerikaans Joodse organisatie die Joodse vluchtelingen hielp. Vandaar naar Parijs, Dublin en tenslotte beland in Londen. Daar heeft hij de Britse nationaliteit aangenomen, maar hij bleef vijf jaar ouder dan hij was vanwege de valse papieren als Refugé Polonais. Dus vijf jaar langer moeten doorwerken en in het ziekenhuis moest er steeds worden uitgelegd dat hij jonger is dan hij was, want 65 is niet gelijk 70. En 90 is net iets ouder als 85! Hij kreeg overigens vaak te horen door de artsen dat hij er jonger uitzag dan hij was. Mijn schoonvader heeft een geschiedenis meegemaakt onder het communisme, die hier in Nederland nauwelijks bekend is. Alleen het communisme was goed. Anders denken was een doodzonde, een staatsgevaarlijke activiteit waarop verbanning naar Siberië stond, ondervraging door de NKGB, martelingen, uithongering, veelal tot de dood erop volgde. Ieder was verplicht gelijk te denken. Vrijheid van meningsuiting werd beschouwd als een poging om het regime omver te werpen…….Hoe dankbaar moeten wij dan zijn met onze vrijheid van Godsdienst en vrijheid van meningsuiting. Hoewel: een telefoontje van een oude wijze dame. Ze maakt zich zorgen en geeft aan dat ze mij een gekke vraag gaat stellen. Wat is mijn mening over de vrijheid van pers. Wat vind ik ervan dat alles vandaag gezegd mag worden. Cartoons gemaakt mogen worden die andere godsdiensten belachelijk maken. Ze refereert aan de afschuwelijke aanslag in Wenen, die van geen kant goed te praten is. Maar is het juist dat….. Mijn mening als rabbijn en als mezelf is dat vrijheid van godsdienst een groot goed is, dat we moeten koesteren. Ook vrijheid van meningsuiting, is goud waard. Kijk hoe mijn schoonvader heeft geleden onder een gezag dat godsdienst en vrije meningsuiting verbood op straffe van verbanning. En toch ben ik de mening toegedaan dat ook godsdienstvrijheid zijn beperkingen moet hebben en idem vrijheid van meningsuiting. Stel ik richt vandaag een nieuwe godsdienst op en een van mijn Tien Geboden is om ieder medemens van het vrouwelijk geslacht in het gezicht te spuwen. Moeten we dat dan tolereren? En het tweede gebod oproept om alle ongelovigen te doden. Mag ik dat klakkeloos aanvaarden, vanwege vrijheid van Godsdienst? En hetzelfde geldt ten aanzien van vrijheid van meningsuiting. We moeten innig dankbaar zijn dat ieder zijn eigen mening mag vormen en uiten. Maar ook daar dienen er beperkingen te zijn. Als mijn mening andersdenkenden vervloekt of hun Godsdienst diep beledigt, dan wordt er misbruik gemaakt van de vrijheid van meningsuiting en vereist die vrijheid een grens die niet mag worden overschreden. 18 Chesjwan, morgen dus, is de Jaartijd van mijn schoonvader. Vanavond dus begonnen, omdat de nacht voorafgaat aan de dag op de Joodse kalender. Maar vandaag was het 17 Chesjwan. De dag waarop de hele Joodse gemeenschap van Bobroisk, niet ver van Moscou, in 1942 werd uitgeroeid door de moffen, nadat ze Rusland waren binnengevallen. Een klein meisje van twee jaar die bij niet-joden in huis was, heeft het overleefd. Maar niemand weet waar ze is en wie ze is. Bobroisk was de geboorteplaats van mijn schoonvader. Zijn ouders, hun gezin en familieleden waren nog net op tijd uit Bobroisk gevlucht. Waarheen? Niet meer te achterhalen. Velen zijn in weeshuizen terecht gekomen, anderen moesten het leger in, weer anderen verbannen naar Siberië en weer anderen in Duitse concentratiekampen vermoord. Mijn schoonvader had acht kinderen, zevenenzestig kleinkinderen en bijna twee honderd achterkleinkinderen toen hij het aardse bestaan acht jaar geleden inruilde voor een hoger leven. Niet het communisme en niet de nazi’s hebben hem kapot gekregen!

     

    Am Jisraeel Chaj – het Joodse volk leeft!

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

  • Zegt u maar jij. Dagboek van een Opperrabbijn 24 november 2020

    Een voormalig leerling van mij ging solliciteren bij een niet nader te noemen instantie. Om die baan te krijgen moest er eerst een sollicitatiegesprek zijn. Twee weken geleden had dat plaatsgevonden. Voordien had hij mij advies gevraagd wat wel te vermelden en wat achterwege te laten. Onwaarheden vermelden, liegen dus, is absoluut niet toegestaan, maar het is niet altijd noodzakelijk en verstandig om ongevraagd alles ter sprake te brengen. Ik legde hem uit hoe mijns inziens het best zo’n gesprek in te gaan en om voor het begin van het gesprek aan de personeelschef, die ik toevallig kende, mijn hartelijke groeten over te brengen. Zogezegd, zo gedaan. Na een goed kwartier stond hij alweer op straat, terwijl voor zo’n gesprek een uur is uitgetrokken. Uitslag zou per e-mail worden bekend gemaakt. Vandaag ontving hij per e-mail de mededeling: aangenomen! En dus kreeg ik, meteen vandaag nog, per e-mail achter in mijn auto het mooie bericht met de toevoeging: dankzij uw groeten heb ik de baan gekregen. Zo’n e-mail achter in mijn auto ontvangen doet me goed. Ik heb van tijd tot tijd bevestiging nodig. Wat me niet goed doet is het achter in de auto zitten. Ik vind dat gewoonweg gênant. Helaas vanwege corona heb ik geen keus, maar dat als een koning achter in de auto zitten, stuit me tegen de borst. Als ik een taxi neem, ligt dat anders. Zo’n chauffeur wil liever niemand naast zich hebben, automatisch neem je achterin plaats. Maar een onbezoldigde chauffeur die mij rijdt omdat hij dat plezierig vindt, niet naast hem gaan zitten, ervaar ik als gênant. Überhaupt vind ik het lastig om ergens vooraan te gaan zitten, terwijl dat wel van mij verwacht wordt. Vaak, als ik ergens acte de préséance moet geven, word ik opgewacht door een delegatie, word ik naar mijn plaats begeleid, braaf handjes geven en vriendelijk knikken, vooral niemand vergeten. Ik kan daar eigenlijk helemaal niet tegen. Reden? Ik ben van nature verlegen. Misschien ziet u dat niet aan mij af, maar dat is wel de waarheid. Alleen ik besef dat ik vanuit mijn positie vooraan moet staan, ongeacht in welke hoedanigheid ik aanwezig ben, in functie of privé. Er bestaat voor mij nauwelijks een privé, zoals er ook bijna geen in functie bestaat: ik ben altijd en onder bijna alle omstandigheden ‘Rabbijn’. En in het spaarzame geval dat ik even niet als rabbijn herkenbaar aanwezig ben, ben ik toch nog altijd de zichtbare orthodoxe Jood. Je kunt het vergelijken met een rechter in toga die de Rechtbank betreedt als iedereen al zit. “De Rechtbank”, wordt uitgeroepen, waarop iedereen zich verheft. Toen ik pas als jonge en nog onervaren rabbijn in Nederland arriveerde en ik voor de eerste keer in de synagoge aanwezig was, kwam een vriend van mij de sjoel binnen en riep duidelijk hoorbaar, de dienst was nog niet begonnen, gut shabbos Binyomin. De toenmalige voorzitter raakte daarover redelijk geïrriteerd en maakte zeer wel duidelijk aan mijn vriendje: Je noemt de rabbijn niet bij z’n voornaam! En tegen mij: mijnheer Jacobs, u bent rabbijn, u wordt geacht steeds enige afstand te bewaren. Hoewel zo’n opstelling niet echt bij mij past, klopt het wel halagisch. Van de Joodse wet wordt een rabbijn geacht enige afstand te houden. Als ik, bijvoorbeeld in Antwerpen, in orthodox Joodse kringen vertoef, word ik in de derde persoon aangesproken. “Heeft u, mijnheer de rabbijn, een goede reis gehad?” Hoewel dit soort protocollaire beleefdheden mij tegen de borst stuiten, hoewel ik er inmiddels toch wel aan gewend ben en het lijdelijk onderga, is het wel van belang. Ondanks mijn jonge leeftijd werd ik ook door mensen die zelfs ouder waren dan mijn eigen ouders, gevraagd te bemiddelen bij bijvoorbeeld huwelijksconflicten. Een collega van mij die zich vanaf dag één bij de voornaam liet noemen, werd nooit gevraagd voor dit soort problematiek. Gevolg is wel dat hij nog steeds lijdt onder het gevoel niet met respect behandeld te worden en het niet aanvaardbaar vindt dat hij publiekelijk met zijn voornaam wordt aangekondigd. De witte jas van de dokter heeft een functie, gelijk de toga van de rechter. En dus schik ik me al jaren in mijn lot. Dit betekent overigens niet dat bijvoorbeeld de geneesheer-directeur van het Sinai Centrum en ik elkaar met U aanspraken. Absoluut niet. Maar als we over elkaar spraken, bijvoorbeeld bij een toespraak, was het Dr. Lansen en Opperrabbijn Jacobs. Doet me even denken aan: zegt u maar jij, want ik haat u.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

  • Zendelingen drammen door, maar ik ook! - Dagboek van een Opperrabbijn

    Met het dagboek van zondag zit ik altijd een beetje in de knel, omdat dat dagboek de vrijdag, de sjabbat en de zondag zelf beslaat. En deze zondag is het extra lastig omdat eigenlijk de donderdag er ook nog aan gekoppeld zit. Want donderdag had ik dus gespijbeld en in plaats van een normaal dagboek had ik de toespraak die ik hield bij de herdenking van de eerste razzia in Twente tot dagboek gedegradeerd. Waarom gedegradeerd, hoor ik u vragen, misschien is de verspreiding van de toespraak wel een promotie omdat het bereik via facebook, NIW en CIP veel en veel groter is dan het beperkte aantal toehoorders daar in Enschede. Tijdens de zoom-vergadering donderdag jl. van het Ojec, Overleg Orgaan Joden Christenen, werd opgemerkt door een van de bestuurders dat het houden van zoom-bijeenkomsten iets is dat we moeten vasthouden, ook na de coronacrisis. Ik was en ik ben tegen.

     

    Als er een bijeenkomst gehouden wordt die uitsluitend tot doel heeft om informatie over te brengen, feitelijkheden, dan kan zo’n zoom-bijeenkomst nuttig zijn. Maar als je doel veel breder is, je wilt namelijk ook mensen motiveren of een bepaalde benadering bijbrengen, dan is juist de fysieke ontmoeting essentieel. Als je tegenover elkaar zit, zelfs met social distance, spreekt automatisch ook de lichaamstaal, de gelaatsuitdrukking, de uitstraling. Lichaamstaal, gelaatsuitdrukking en uitstraling worden bij zo’n zoom-bijeenkomst nauwelijks tot niet zichtbaar. En daarom ben ik blij als mijn toespraak een veel groter bereik krijgt via de sociale media, maar ik ben nog veel en veel blijer als ik vis á vis mag communiceren. De ‘sociale’ dimensie komt veel beter tot zijn recht via de ouderwetse bijna antieke manier van communiceren geheten: de ontmoeting. En dat werd me weer eens zeer duidelijk gemaakt toen ik na mijn toespraak bij de herdenking van de eerste razzia in Enschede, niet wegscheurde, maar nog een tijdje bleef napraten. Mijn toespraak was redelijk fel, waarschuwend en confronterend. En juist die realistische waarschuwing werd opgepakt door alle aanwezigen.

     

    De Commissaris van de Koning, de burgemeester van Enschede en vele particulieren deelden mijn zorg over het opkomend antisemitisme. De een wilde die zorg verbaal met mij delen en maakte mij tot de geestelijk verzorger. En de ander kwam mij uitleggen dat hij mijn zorg erkende en herkende, maar wilde weten hoe we het opkomend antisemitisme kunnen bestrijden.  Dus niet achteroverleunen, maar actie! Dat er in een prominente Franstalige Belgische krant op 14 augustus jongstleden een cartoon had gestaan waarin de Joodse wijk in Antwerpen de coronawijk werd genoemd en dat zoiets gewoon geaccepteerd wordt, baart zorgen. Want, zoals ik in mijn toespraak probeerde duidelijk te maken: de razzia in 1941 had een prelude, die kwam niet zomaar uit de lucht vallen. De aanslag op een hoge nazi-officier door het verzet, was slechts de aanleiding tot de razzia, niet de oorzaak. Het demoniseren van Joden was toen al jarenlang aan de orde en dat speelt zich ook nu weer af. Maar ook die mevrouw die met mij haar zorg deelde, die mijnheer die mijn toespraak graag wilde ontvangen en die niet-joodse scholier die die selfie met mij wilde maken… allemaal ontmoetingen die via de zoom worden weggezoomd.

     

    Maar er is nog een zorg waarmee ik werd geconfronteerd: Zending onder Joden. Een collega benaderde mij per email vanwege een groep zendelingen die actief gewoon hier in Nederland de Joodse gemeenschap probeert binnen te dringen. Werk aan de winkel, dacht ik meteen. Dit laten we niet zomaar voorbijgaan.  Het trieste is, zo schreef de collega, dat op zijn alarm-email slechts één reactie kwam, die van mij. Kennelijk vonden de anderen die waren benaderd het onderwerp niet zo boeiend. We wachten wel af, was kennelijk de houding van de collega-rabbijnen. Er is van buiten het opkomend antisemitisme. Intern speelt de secularisatie. En dan is er ook nog een dreiging die tussen antisemitisme en secularisatie inzit, tussen vanbuiten en vanbinnen: zending. Na de bevrijding speelde dat ook sterk en dat heeft ertoe geleid dat Opperrabbijn Tal zelfs een boekje heeft uitgegeven genaamd ‘Voor ons het Jodendom’. En dus moet ik gaan nadenken hoe dit aan te pakken. Wie zijn die zendelingen? Welke legale wegen kan ik bewandelen om ze uit te schakelen, vraag ik mezelf af. En als die legale wegen er niet zijn, ga ik dan het illegale pad op? Zal ik de PKN inschakelen voor advies?

     

    Ik ben net op, maar alweer moe van al dat gezeur: antisemitisme, assimilatie en dan ook nog de zending erbij! En dan natuurlijk ook nog de persoonlijke aanvallen, vaak gedreven door jaloezie. Want ook Joden kunnen jaloers zijn en vanuit die jaloezie treiteren. Maar ja, dit soort achterhoedegevechten zijn er overal. Ook bij geestelijken van andere denominaties. En zelfs in grote academische ziekenhuizen wordt soms gevochten om posities te verkrijgen, terwijl de patiënt ongeduldig en ziek in bed ligt te wachten op aandacht van de specialist. En ondertussen werken de verpleegkundigen zich kapot.

     

    Conclusie: er is nog heel wat werk aan de joodse en aan de niet-joodse winkel. Als we daarvan doordrongen zijn, is dat al heel wat. Als er een diagnose bekend is, is de patiënt al half genezen, leert de Talmoed ons. Maar ik vrees dat het bewustzijn van alle bovenstaande problematiek bij vele nog ver te zoeken is. En dus is mijn opdracht, zo voel ik dat, frappez toujours. Vertaald in ABN (Algemeen Beschaafd Nederlands): doordrammen!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.