De file lijkt opgelost, maar de schade is groot. Dagboek van een opperrabbijn 5 januari 2021

Ik wou dat ik eindelijk kon stoppen met mijn dagboek. Niet dat er niet genoeg gebeurt, niet dat ik het saai vind om iedere dag te schrijven of dat ik het te belastend vind, helemaal niet. Ik hoop te kunnen stoppen omdat mijn dagboek een dagboek is van ‘opperrabbijn in coronatijd’ en de coronaperiode me begint te irriteren. Het klinkt allemaal prachtig. Via zoom veel meer bereik dan voorheen, de bijeenkomsten hebben veel meer deelnemers, we moeten ook na corona vooral gebruik blijven maken van, etc. etc. De waarheid is dat persoonlijk sociaal contact onvervangbaar is. Het is niet voor niets dat bijvoorbeeld de sjoeldiensten een quorum van tien man nodig hebben om het tot een volwaardige dienst te kunnen maken. Natuurlijk moeten we ook als we niet over een minjan (het vereiste quorum) kunnen beschikken onze dagelijkse gebeden uitspreken, maar ideaal is dat niet. Mijn telefoontje aan die mijnheer die moederziel al maanden alleen thuiszit is een slecht surrogaatmiddel voor het bezoekje dat ik zo graag had gebracht. Ja, door de telefoon kunnen we heel veel zeggen. Maar de lichaamstaal ontbreekt. Omdat ik me kennelijk even verveelde ben ik gaan kijken naar de diverse YouTube ’s die op de een of andere manier de wereld zijn in geslingerd nadat ik ergens een lezing had gehouden (zonder publiek). Ik zie dan indrukwekkende getallen. Het wonder van Chanoeka: 4929 keer bekeken. Het echte verhaal van antisemitisme: 5628. Israel event SGP: 9230. Hoe lezen Joden de Bijbel: 22.000. Dit is dan uitsluitend op YouTube. Maar die lezingen zijn kennelijk ook nog te volgen geweest via livestream, facebook en nog meer van die termen die door mijn kleinkinderen goed worden beheerst en voor mij nog niet helemaal duidelijk zijn. Maar ondanks die indrukwekkende getallen ben ik niet tevreden. Als ik een lezing geef heb ik respons nodig. Ik moet gezichten zien, lichaamstaal, visueel contact. Toen ik in 1985 officieel benoemd werd en geïnstalleerd tot rabbijn van het Inter Provinciaal Opperrabbinaat, dat toen nog de verwarrende naam Opperrabbinaat Utrecht droeg, kreeg ik meteen van diverse kanten kritiek. Dat hoort kennelijk zo. U weet wel: hoofd boven maaiveld. Of het wel of niet verstandig is weet ik nog steeds niet, maar ik neem iedere vorm van kritiek serieus. Ik herinner me twee kritische opmerkingen die ik ter hand had genomen. De eerste luidde dat mijn uitspraak van het Nederlands te plat Amsterdams was. Met name de L klonk niet goed. Ik dus naar de logopedist. Haar reactie: onzin. Maar ondertussen heeft ze me wel leren ademen via mijn buik hetgeen ervoor zorgt dat je minder vermoeid raakt bij het geven van lezingen. Een tweede kritiek was dat ik te emotioneel sprak. Ik dus naar een gezaghebbende tv-presentator en mijn probleem voorgelegd. Zijn reactie was duidelijk: een verslaggever moet afstandelijk en neutraal overkomen. Een rabbijn moet juist betrokkenheid en positieve emotie uitstralen. Ook Ton Lutz, hoogleraar dramatologie, had me eens ‘bekeken’ en mij geadviseerd om steeds met de toehoorders oogcontact te houden. Dat oogcontact is van belang voor mijzelf en voor de toehoorder. Ik kan namelijk via het oogcontact zien hoe de aandacht is en aan de hand van die vluchtige analyse mijn woorden aanpassen. En het oogcontact prikkelt de toehoorder om te luisteren. Al met al is het dus duidelijk dat Zoom, BlueJeans, Microsoft Teams, Facebook, YouTube en Livestream allemaal erg fijn zijn, maar gewoon lijfelijk aanwezigheid is echt niet vervangbaar. En dat ontbreekt dus en maakte me vanochtend verdrietig omdat door corona het menselijke sociale contact ernstig wordt beschadigd. Maar het is zoals het is, het gaat zoals het gaat. Depressief worden is niet goed. Maar we moeten er wel voor waken om het nieuwe-normaal als normaal te gaan aanvaarden, want dat nieuwe-normaal heeft weliswaar het fileprobleem opgelost en milieutechnisch is het een zegen, maar we mogen onze ogen niet sluiten voor de sociale schade die velen psychisch diep beschadigt. Grote alertheid is geboden!

 

Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks op https://niw.nl/category/dagboek/