Joods Maastricht

Website van de Joodse Gemeente Maastricht

shiurim

  • Koffie met gebak om landverraders te herdenken! Dagboek van een Opperrabbijn 2 november 2020

    Vandaag had ik me moeten concentreren op het voorbereiden van een Zoom Cursus binnen de Joodse gemeenschap en voor de Stream Uitzending van morgenavond over “de Plaats van het gebed in de Joodse Traditie” voor Christenen voor Israël. Daarnaast rustig nog wat zelfstudie (moet ook kunnen) en mijn dagelijkse snel-wandeling. Maar ik was nog nauwelijks mijn bed uit of de consulent voor de Joodse begraafplaatsen aan de telefoon met een probleem over noodzakelijke herstelwerkzaamheden op de Joodse begraafplaats te Leerdam. En dus morgenochtend naar Leerdam om e.e.a. ter plekke te bekijken, want grote zorgvuldigheid is vereist. Het betreft de stoffelijke overschotten van onze voorouders en hun eeuwige grafrust. Dit is niet effe af te doen per telefoon of met Whatsapp. En gezien ik toch morgen naar Den Haag moet voor een afspraak over een ander onderwerp, dat hoog op de lijst van importantie staat, gaan we het combineren. En onderweg kan ik gewoon mijn werk doen, want mijn chauffeur rijdt! Maar het rustige dagje werd chronisch verstoord. Bij de Joodse Gemeente Twente was een schrijven in de brievenbus gevallen met het volgende verzoek:

     

    “Enschede, vrijdag 23 oktober 2020. Dag mensen. Graag uw aandacht voor de aanplant van de olijfgaard “Hope from Enschede (NL) in Palestina. Voor de sponsering van dit project vragen wij u bijgaande informatie te delen via uw medium, nieuwsbrief of anderszins. Dank namens de Palestina Werkgroep Enschede”. En dus belt de voorzitter van de Joodse Gemeente mij op of hiermee wel of niet iets te doen. Een waanzinnig verzoek uiteraard en direct de prullenbak in, wilde ik adviseren. Iedere minuut die we hieraan kwijt zijn is er een teveel.

     

    Maar toen kreeg ik een website onder ogen met naast een paar mooie bijna idyllische foto’s de volgende tekst: “Onze Brasserie is gevestigd op een van de meest bijzondere plekjes van de regio. Herdenken op de begraafplaats en overdenken in de brasserie bij een vers kopje koffie met gebak en een heerlijke lunch”. Reclame voor een vrij recent geopende Brasserie op de Duitse Oorlogsbegraafplaats in Ysselsteyn waar nazi’s begraven liggen die zonder enige twijfel vallen onder de categorie weerzinwekkende moordenaars, collaborateurs en landverraders. Die kunnen we dus gaan herdenken bij een vers kopje koffie met gebak. En nog steeds heeft de ambassadeur van Duitsland niet aangegeven dat hij principieel niet aan deze herdenking wenst deel te nemen. Zelfs afzeggen met als smoesje corona, zal het niet worden.

     

    Maar ook, en dan ga ik even een dag terug, mooie dingen meegemaakt. In Nijmegen gesproken met een familie die het Joodzijn niet kan bewijzen, maar wel generatie na generatie, al vanaf de tijd van de Inquisitie, per overlevering heeft meegekregen dat “wij stammen van Joden”. En nu willen ze terug en natuurlijk gaan we daarbij helpen. Dat wil zeggen dat de lokale rabbijn Levine hen steunt en helpt en ik ben (helaas, dat is mijn lot) de tegenpartij. Want toetreden tot het Jodendom is best lastig. Maar als de motivatie er is, is het een mooi dankbaar groeiproces. Natuurlijk, als het aantoonbaar zou zijn geweest dat ze inderdaad via moederslijn afstammen van Joodse voorouders, is er geen vuiltje aan de Joodse lucht. Zielig? We hebben erover gesproken. Alles komt van Boven, ook de positie waarin iemand is beland, waarin ik me bevind en waarin zij zich bevinden. Aan de lokale rabbijn dus om te steunen en aan mij om te beproeven. Maar ik had er een goed gevoel bij, ook rabbijn Levine en ook het echtpaar! We gaan het met z’n drieën maken. Ondertussen zie ik dan ook meteen de inzet van de lokale, onder mij ressorterende rabbijn, zijn gedrevenheid en zijn overgave. Stemt tot dankbaarheid. Dat gevoel van dankbaarheid bekroop me ook toen mijn echtgenote en ik een ‘werkbezoek’ brachten aan een rabbijn die het erg moeilijk moet hebben. Rabbijn Dov Pinkovitch en zijn echtgenote. Nog maar pas in Nederland zijn zij belast met het Beth Chabad, een soort zoete inval voor toeristen, in de Albert Cuypstraat in Amsterdam. De meesten zijn uit Israë l afkomstig en als ze dan Amsterdam aandoen willen ze toch, in het Centrum, ergens een plekje hebben waar ze koosjer kunnen eten, gebeden uitspreken en, kort samengevat, gewoon “thuis-weg-van-huis”, speciaal op de Sjabbat. Met veel enthousiasme en speciaal op Sjabbat een volle zaal met zang, woorden uit de Thora en bovenal een echte Sjabbatsfeer, zijn ze begonnen. En toen corona! En toch gaan ze verder, zonder toeristen, met veel kleinere aantallen, maar met een ongekende gedrevenheid en met de weet dat uiteindelijk “alles van Boven komt”. En rabbijn Steinberg en zijn echtgenote Rina Aidel, dochter van de Nederlandse rabbijn Heintz uit Utrecht, die met veel inzet en overgave Joods Brabant aan het opbouwen zijn. Lichtenpunten in de duisternis. De belachelijke Brasserie op de nazi begraafplaats te Ysselsteyn en het idiote verzoek van het Palestina Comité Enschede met het verzoek aan het bestuur van de Joodse Gemeente om hun eigen leden aan te sporen Israël de zee in te drijven (want dat staat nog steeds in de doelstellingen van de Palestijnse Autoriteit, die veel geld heeft, maar geen autoriteit!) vervaagt en maakt plaats voor dankbaarheid als ik deze hardwerkende rabbijnen de duisternis op een positieve wijze zie bestrijden en verdrijven.

     

    En net voor ik naar bed wilde gaan: Wenen! Whatsapp’s stromen binnen. In Karlsruhe heeft de politie laten weten aan de lokale rabbijn dat alle synagogen in Duitsland nu bewaakt gaan worden, maar de herdenking in Ysselsteyn gaat gewoon door……..

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

  • Laat die anderen maar eens uitverkoren zijn

    Maandag zal er geen dagboek van mij te lezen zijn. Natuurlijk zal er zich op vrijdag, sjabbat en zondag van alles en nog wat hebben afgespeeld, maar maandag is het Jom Kippoer-Grote Verzoendag en gelijk ik geen publicaties wil op de sjabbat, wil ik ook geen publicaties op de Grote Verzoendag omdat het dagboek dan op de Grote Verzoendag zelf geplaatst zal worden. Dus u en ik een vrije dagboek-dag! En dinsdag ben ik dus weer in de lucht of beter gezegd: online!

    Ondertussen heb ik vandaag lichamelijk werk verricht: de soeka-loofhut gebouwd. De dinsdag na Jom Kippoer word ik in Brussel verwacht voor een after-Rosh Hashana receptie voor Europarlementariërs. Voorafgaande aan deze bijeenkomst is er een bespreking met EU-leiders over antisemitisme, vrijheid van godsdienst en veiligheid. Maar of ik naar Brussel kan, weet ik nog niet want de provincie Utrecht is inmiddels rood, heeft men mij verteld. (Dit moest mij verteld worden want, omdat ik kleurenblind ben, zie ik het zelf niet!).

    Het was vandaag een volle Halagische dag. Meer dan gewoonlijk kreeg ik allerlei Joods wettelijke vragen voorgelegd: wel of niet medicijnen innemen op de Grote Verzoendag waarop we meer dan 25 uur niet eten en niet drinken; vragen over wel/niet Joods zijn; een vraag over lidmaatschap; een herziening van een reglement lidmaatschap Joodse Gemeente; een vraag ten aanzien van een Joods religieuze huwelijksinzegening; ……: …… . Het was vandaag echt een Halagische potporie! En ondertussen stromen de e-mails binnen over de sjoeldiensten op de Grote Verzoendag die worden afgelast in Israël en in vele andere landen.

    Helaas heb ik door de potporie mijn voorgaan in de dienst nog niet kunnen voorbereiden. Ingaande Jom Kippoer ga ik voor van 20:15 – 21:30 uur en dan de volgende dag van 9:30 – 13:00 uur non stop, dan weer van 16:30 – 20:30 uur en dan ook nog een toespraak. Hoe zal het dit jaar zijn? Veel minder mensen dan andere jaren. Maar op z’n minst hebben we een dienst, terwijl elders…Overigens houdt mijn gewaardeerde collega rabbijn Shimon Evers de toespraak maandagavond en doet hij dienst van 13:00-16:15 uur overdag op de Grote Verzoendag, ook geen sinecure.

    Vanavond nog een zoom-cursus gegeven voor RabbijnenNL en zag ik tot mijn vreugde op CIP dat SGP-fractievoorzitter Kees vd Staaij z’n verbazing kenbaar maakt, of beter geformuleerd zijn verbijstering, dat het ministerie van Buitenlandse Zaken van mening is en blijft dat de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) terecht investeert in het bekeuren van het Israël Producten Centrum vanwege in hun ogen foutief gelabelde flessen wijn. Wat een opwinding om niets! Maar goed, wel goede gratis reclame voor het IPC in Nijkerk. Dat de dreiging vanuit Libanon steeds grilliger wordt en dat ook in diverse landen in de EU-opslagplaatsen liggen met dat levensgevaarlijke materiaal waarmee recentelijk half Beroet van de kaart is geveegd, krijgt geen aandacht. Neen, die paar flesjes wijn uit Israël, dat is hoofdprioriteit.

    Wij Joden, Israël dus, zijn het Uitverkoren Volk, vandaar waarschijnlijk die extra aandacht? Regelmatig hoor ik vanuit de Joodse Gemeenschap: laat die anderen maar eens een tijdje uitverkoren zijn! Het deed me even denken aan de uitspraak van Albert Einstein: “De wereld is een gevaarlijke plek om te wonen; niet vanwege de mensen die kwaad willen, maar vanwege de mensen die daar niets tegen doen.” Wellicht een idee om deze wijsheid boven de ingang van ons eigen Ministerie van Buitenlandse Zaken te plakken.

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.

     

  • Licht in de duisternis!

    Af en toe zie ik het even niet meer zitten. Ik ben dan aan het zwartkijken en het wordt me duister voor de ogen door alle pessimistische en zwartgallige berichtgevingen. Ik stuur dan een WhatsApp naar “mijn professor”. Hij is de echtgenoot van een oud-leerlinge van mij. Hij belt altijd terug, soms vanuit de operatiekamer, maar nooit tijdens de operatie zelf (hoop ik!) en na het consult zit ik weer in de realiteit. Zijn echtgenote is een advocaat met een gebrek. Een gebrek waaraan ik ook lijd. Beiden kunnen we niet zo goed ‘neen’ zeggen. En dus als ik weer eens iets heb dat een advocaat behoeft, roep ik haar hulp in.

    Jaren geleden ontmoette ik een oude man die als tiener Auschwitz had overleefd. Hij was vriendelijk, gemoedelijk, betrouwbaar. Ik zou hem zondermeer durven vragen om

    €100.000 cash van A naar B te brengen. Hij had echter een probleem: hij stal! Niet zomaar, maar uitsluitend als hij iets nodig had. Zo heeft hij Auschwitz weten te overleven. Na de oorlog was er voor hem geen welkom-thuis-in-Nederland. Zijn ouders waren vermoord, familie had hij niet en ook geen bezittingen, geen dak boven zijn hoofd en inkomsten ontbraken. En dus waar nodig maakte hij gebruik van zijn aangeleerde overlevingstechniek en ging het dievenpad op.

    En nu was het mis gegaan. Hij had Fl. 4000 gekregen van de WUV voor de aanschaf van een aangepast invalide autootje. Dat autootje had hij weten te verkrijgen voor Fl. 2000 (zwart betaald) en de resterende Fl. 2000 had hij in z’n eigen broekzak gestopt.

    Betrapt! En dus een rechtszaak.

     

    Ik mijn oud-leerlinge meteen ingeschakeld en daar stonden we dan in de rechtszaal voor drie edelachtbare rechters. Op verzoek mijn oud-leerlinge zou ik aan het eind van de rechtsgang ook een paar woorden te zeggen. “Edelachtbaren, uiteraard is diefstal strafbaar. U heeft de plicht om de wet te handhaven. Maar vergeet alstublieft niet dat hetzelfde rechtssysteem dat hem nu beticht van diefstal en hem zal veroordelen, hem toen naar Auschwitz heeft gestuurd!” En tegen de vertegenwoordiger van de WUV, de eisende partij, heb ik gezegd dat ik weiger te begrijpen hoe hij, als Wet Uitkering

    Vervolgingsslachtoffers, het in z’n hoofd haalt om deze overlevende voor het Gerecht te

    dagen. De rechters hadden het begrepen: vrijspraak!

    Die oud-leerlinge is dus inmiddels moeder en getrouwd met een internist-hoogleraar. Dat is dus “mijn professor”. We kennen elkaar eigenlijk uitsluitend via WhatsApp en telefoon, hebben nooit echt contact gehad, maar hij is nu mijn aanspreekpunt voor alle wetenswaardigheden op het gebied van corona. Waar eindigt medische waarheid en waar begint opgeklopte sensatie?

    Maar waar die grens ook moge liggen: ik begin juist nu te beseffen dat onze Lockdown niet te vergelijken valt met de bijna twee jaar dat die oude man in Auschwitz had gezeten en met de twee jaar en acht maanden dat mijn vader zat ondergedoken:

    zonder laptop, zonder mobile, zonder enig contact met de buitenwereld die levensbedreigend was en zonder voldoende eten.

    Ik voel me schuldig dat ik dat nooit heb aangevoeld. Ik begrijp juist nu erg goed dat mijn vader, zoals bijna alle vaders van mijn generatie, nooit iets verteld hebben over hun Lockdown. Ze wilden en konden er niet over spreken.

    Van de corona-beperkingen die ons worden opgelegd en waaraan we ons ook Halagisch bezien absoluut moeten houden, worden we niet vrolijk.

    Maar als we aan de generatie van onze ouders denken tijdens hun onderduik of nog erger, dan mogen we ook dankbaar zijn dat de Lockdown van nu niet in de verste verte vergelijkbaar is met de Lockdown van toen.

    Blijf gezond!

    Chanoeka is in aantocht, de vlammetjes brengen licht in duisternis!

    Laten we dawenen dat nog ver voor Chanoeka de duisternis verdreven zal zijn en dat we gedurende deze donkere periode ook oog mogen hebben voor de vele lichtpunten, die er echt ook zijn.

    Sjabbath Sjalom

    Binyomin Jacobs, opperrabbijn

    11 Chesjwan 5780

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

    Inter Provinciaal Opper Rabbinaat

    This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

    Het Rabbinaat omvat: Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Gelderland, Flevoland, Noord-Holland (m.u.v. Amsterdam), Utrecht, Zeeland, Noord-Brabant, Limburg

  • Liegende asielzoekers

    Enige weken geleden heb ik kennis mogen maken met Ds. Pieter de Boer en we hebben binnenkort een ontmoeting. Ik vroeg me eigenlijk een beetje af waarom ik deze ‘strenggelovige predikant’ zou moeten ontmoeten. Maar, zo is mijn levensregel inmiddels geworden, ga nooit kennismakingen uit de weg.

     

    Toen ik gisteren op CIP een video bekeek over wel/niet dames met broeken in de kerk, dacht ik: nu begrijp ik waarom Ds. de Boer mij wil spreken! Ik denk dat we veel gemeenschappelijk zullen hebben en vermoed dat hij interpretaties van Bijbelteksten aan de Joodse wijze van omgaan met teksten wil toetsen. Het Jodendom kent zijn grondteksten, Tenach-Oude Testament, en hoe uit die grondteksten conclusies te halen of wetten af te leiden, daartoe is dan weer een G’ddelijk systeem dat van meet af aan de Tenach-basis zat gekoppeld. Een rabbijn is geschoold in het afleiden uit de grondteksten aan de hand van dat ‘systeem’. Wat dat betreft heb ik het veel makkelijker dan Ds. de Boer die zelf iets zal moeten vinden. Bij ons, het Traditionele Jodendom, is het vergelijkbaar met een computer, er is sprake van input en output. Ik ben dus benieuwd naar ons gesprek!

     

    Ondertussen heeft mijn Blouma net gelezen dat op Soekot een sjoelbezoeker in Hamburg voor de sjoel is aangevallen door een verwarde man die een papiertje in zijn zak had waarop stond geschreven dat hij een nazi was. De Joodse man ligt ernstig gewond in het ziekenhuis. Het is toch wel frappant dat steeds meer verwarde mensen aanslagen plegen op Joodse doelen. Kennelijk zijn ze ondanks hun verwardheid wel in staat het onderscheid tussen Joden en niet-joden te kunnen bepalen!

     

    Tussen het afhalen van mijn nieuwe leaseauto en het lezen van de handleiding door, hadden we natuurlijk gasten in onze soeka die even een kopje koffie kwamen drinken en de lofzegging uitspreken over de loelav. Overigens heb ik wel een toepasselijk nummerbord gekregen: J-000-RT. De J natuurlijk van Joods en RT is de afkorting van Rabbinaal Toezicht. Dan uiteraard de vraag wat de betekenis is van de drie cijfers die ik maar even als 000 heb weergegeven. Het zou kunnen zijn dat ik aan de drie cijfers ook een bepaalde betekenis zou kunnen geven, maar zelfs als dat mogelijk zou zijn geweest weiger ik dat te doen omdat ik een tegenstander ben van eigen gemaakt gegoochel met getallen. Dus ik beperk me tot Joods Rabbinaal Toezicht hetgeen een mooie ezelsbrug is om mijn nummerbord te onthouden. En over mijn aversie tegen het spelen met getallen zal ik nog weleens een andere keer schrijven.

     

    Waar ik me in mijn gedachten mee bezig hield, was een kop in de Telegraaf die luidde: “Bij honderden ‘minderjarige’ asielzoekers was afgelopen jaar ernstige twijfel of ze wel de waarheid spraken over hun leeftijd.” En verder in het artikel werd ook belicht dat honderden Oegandese vluchtelingen pretendeerden homoseksueel te zijn om zo voor een verblijfsvergunning in aanmerking te komen. Wat een oplichters, flitste het door mijn hoofd. Maar na de eerste flits: wat is er mis mee dat ze een verkeerde leeftijd hebben opgegeven? Mijn eigen schoonvader was volgens de officiële papieren 4½ jaar jonger dan hij feitelijk was. Oplichter? Zeker! Maar als hij niet had opgelicht in de voormalige USSR zou mijn echtgenote naar alle waarschijnlijkheid nooit het levenslicht hebben kunnen aanschouwen omdat mijn schoonvader als gelovige Jood er in het Russische leger nooit levend zou hebben afgebracht.

     

    Hij heeft door die valse papieren 4½ jaar langer moeten werken om recht te hebben op pensioen en zijn smoesje dat hij ouder was werd in Engeland niet geaccepteerd. Overigens zijn/waren zowel mijn schoonmoeder alsook mijn schoonvader Poolse vluchtelingen, terwijl ze nog nooit in Polen waren geweest. O ja, mijn eigen vader heette niet Aron Salomon Jacobs, maar Arie Bijlsma, volgens zijn vervalste persoonsbewijs en er stond op zijn persoonsbewijs geen grote vette J terwijl hij toch echt volledig Joods was. En de opa van een van mijn schoonzoons had zich in de rij na aankomst in Auschwitz een paar jaar ouder opgegeven omdat hij begreep dat te jong de gaskamer zou betekenen. Het is dus allemaal niet zo zwart-wit. Natuurlijk kunnen wij in Nederland niet de hele wereld opnemen, maar ik begrijp dat mensen proberen te overleven…………wat een tragedies!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.

  • Loofhuttenfeest

    Het voelde vreemd, maar langzaam ben ik eraan gaan wennen om mensen niet meer op kantoor en zelfs niet meer in huis maar in onze tentsjoel te ontvangen. En zo ontving ik vandaag vier mensen in de Jacobs’ tent. Ondertussen raak ik wel een beetje gestrest van alle (terechte?) paniek. Wel mondkapjes, geen mondkapjes. Vervolgens wordt er bij mij op aangedrongen dat ik alle bestuurders benader met advies wat ze wel en/of niet moeten doen met wel/niet bijeenkomsten en/of wel/niet synagogediensten gedurende het Loofhuttenfeest-Soekot. Na enig polderwerk heb ik de volgende tekst samengesteld, door twee hoogleraren laten bekijken en vervolgens laten versturen aan de Joodse Gemeenten:

     

    Aan de besturen, rabbijnen en voorgangers van de Joodse Gemeenten,

    Allereerst wens ik u allen nog vele jaren in voorspoed, goede gezondheid en shalom.

    Waarschijnlijk ten overvloede wil ik u erop attenderen dat in het geval er in uw kehilla sjoeldiensten de komende Jom Tov dagen zullen plaatsvinden, het een absolute vereiste is de regels van het RIVM te volgen. Met name is het van belang dat ook en juist in kleinere sjoels de afstand van 1½ meter wordt gerespecteerd en ik kan niet genoeg benadrukken dat ventilatie van essentieel belang is.

    Gezien de grootte en de ventilatiemogelijkheden van sjoel tot sjoel verschillen, verwacht ik dat er per gemeente naar bevind van zaken wordt gehandeld en het advies van de regering t.a.v. het dragen van mondkapjes ook in deze wordt meegenomen.

    Gut shabbos en gut Jom Tov!

     

    Uiteindelijk is iedere synagoge anders qua oppervlakte, qua ventilatiemogelijkheden en qua bezetting. Ondertussen is mijn loelav-stel aangekomen en ook de etrog en zitten we nog te tobben of we de eerste dagen Soekot, sjabbat en zondag wel/niet naar Maastricht zullen gaan. In Maastricht zal namelijk een catering zijn (vanuit Antwerpen) die andere jaren in Beekbergen is en onder mijn rabbinale toezicht staat. Er zullen nu maar weinig mensen komen en de cateraar is nog nerveuser dan als alles gewoon is. Er zijn twee geboden gekoppeld aan Soekot. 1: het ‘wonen’ is de soeka- loofhut gedurende het gehele Loofhuttenfeest en 2: het loelav-bensjen. En hoewel dit mijn dagboek is en geen cursus Jodendom voor beginners, toch even een minimale uitleg.

     

    Nadat we de Ontzagwekkende Dagen achter ons hebben gelaten, gaan we nu feitelijk alles opnieuw beleven, maar dan vanuit vreugde. We weten ons omringd door de loofhut en beseffen dat we afhankelijk zijn van Boven. De essentie van de loofhut is namelijk het dak dat van riet of andere takken is gemaakt. Je kunt door het riet de hemel zien en voelen (als het regent) en beseft de relativiteit van het beschermende huis. Maar ook nemen we vier soorten vruchten in onze hand. De loelav (dadelpalm), 3 Mirthe-takjes, 2 wilgentakjes en de etrog, een citrusvrucht. Die vier vruchten nemen we samen en spreken daarover een lofzegging uit. De dadel heeft een heerlijke smaak, maar ruikt niet. De Mirthe-takjes ruiken heerlijk, maar hebben geen smaak. De wilgentakjes ruiken niet en hebben ook geen smaak. De etrog ruikt heerlijk en smaakt voortreffelijk.

     

    Dit wijst op de vier soorten Joden. Sommige hebben veel kennis (smaak). Anderen leggen de nadruk op het doen van goede daden, maar qua kennis scoren ze niet hoog. Dan zijn er ook nog mensen die niet veel geboden naleven en ook hun kennis is minimaal. Tenslotte is er de etrog die uitmunt in kennis en in het naleven van de geboden in de praktijk. We nemen deze vier soorten samen en zwaaien ermee naar alle kanten en benadrukken hiermee o.a. de eenheid die het Joodse volk steeds moet nastreven en ook in de wereld moet brengen aan andere volkeren. Een mondiale eenheid in diversiteit!

     

    De loofhut zal in Maastricht bij de synagoge staan want om een loofhut bij het hotel te bouwen moest er een bouwvergunning zijn, die niet werd verkregen. Doet me denken aan die man die zijn loofhut voor zijn huis midden op de straat had gebouwd. Politie komt en sommeert hem om de loofhut af te breken. Na langdurig gefilosofeer en tegenpruttelen, stemt de man eindelijk in om de loofhut, die hij net had opgebouwd, af te breken maar, zo heeft hij netjes weten te bedingen: het afbreken hoeft pas over acht dagen! (En mocht u het niet snappen: over acht dagen is het geen Loofhuttenfeest meer en hebben we geen soeka meer nodig!)

     

    We gaan dus, zoals het er nu voorstaat, morgen naar Maastricht en maandag, als we weer terug hopen te zijn, komt m’n nieuwe auto en hopelijk ook de nieuwe computer, want de computer die ik nu gebruik heeft bijna de snelheid van een invalide slak. De nieuwe computer is er al bijna, want de factuur had ik al ontvangen en zelfs al betaald ook. Naar ik begrijp zal de nieuwe computer twee keer zo snel werken als de huidige. Met als resultaat: of het schrijven van uw dagboek kost mij de helft van de tijd of het dagboek zal 2 x zo lang zijn, want ik werk per uur, niet per woord.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP publiceert deze bijzondere stukken dagelijks

  • Maar als vrijheid betekent dat alles kan en alles mag…. Dagboek van een Opperrabbijn 5 november 2020

    Mijn oog viel vanochtend op een Duits rapport van Markus Grübel, de gezant voor godsdienstvrijheid van de Duitse Bondsdag.  Hij stelt dat godsdienstvrijheid mondiaal steeds meer wordt beknot. Er is, volgens hem, sprake van een groeiend aantal landen dat strenge wetten invoert tegen godslastering en bekering. In een honderdtal landen riskeren mensen gevangenisstraf als zij anderen proberen te bekeren of daarvan verdacht worden. In een dozijn landen riskeren mensen zelfs de doodstraf als zij zich van hun geloof afkeren.  Het probleem betreft christenen, moslims, jezidi’s en Joden. 

    Zijn constatering sluit aan bij hetgeen ik gisteren, een beetje terloops, mij afvroeg in mijn dagboek. Waar begint vrijheid van godsdienst en waar eindigt die vrijheid?  En dan verder redenerend de vraag: waar begint de vrijheid van meningsuiting en is het goed dat die vrijheid onbegrensd is?

    Laat ik een voorbeeld geven. Ik als Jood heb een grote afkeer van mensen die mij proberen te bekeren. Even los van het probleem dat als ik me bekeer ik mijn baantje als rabbijn kwijt ben: Ik wil niet bekeerd worden! Laat me met rust! Maar ben ik van mening dat een missionaris of een zendeling in de gevangenis moet? Absoluut niet, tenzij hij mij fysiek of verbaal gaat bedreigen, want dat is net een stap te ver. Als dat gebeurt wordt er een grens overschreden en moet er wettelijk worden ingegrepen. Want zijn vrijheid mag niet leiden tot mijn onvrijheid!  Het moge duidelijk zijn dat, hoewel Jodendom niet aan bekeren doet, ik het wel als mijn plicht zie om mijn mede-joden de Joodse weg te wijzen. Daarvoor ben ik ‘ingehuurd’. Er moet van mij een niet dwangmatige inspirerende werking uitgaan. En die plicht, die opdracht, is ook aan de imam, de predikant, de humanistisch raadsman en de pastoor voorbehouden. En ook naar de niet-joodse samenleving hoor ik, als rabbijn, het geloof in de Eeuwige en het naleven van de zeven Noachidische Wetten te bepleiten. Het moet mij toegestaan zijn om aan te geven dat secularisatie in mijn optiek niet de juiste weg is. Wel dien ik steeds voor ogen te houden, dat ik een richting verkeerd mag vinden, maar de richting staat los van het individu. En dus, hoezeer ook ik secularisatie een onjuiste richting vind, betekent dat dus echt niet dat iemand die seculier is, dus niet deugt. Richting en individu, zijn aparte grootheden!

    In het Sinai Centrum, Joods psychiatrisch Centrum, waar ik meer dan 40 jaar als geestelijk verzorger aan verbonden was, heb ik steeds mijzelf en de medewerkers van de Dienst Geestelijk Verzorging erop gewezen dat, en ik breng het een beetje zwart-wit, als een patient onze kliniek binnenkomt als een orthodox levende Jood, hij ook bij vertrek weer orthodox-Joods moet zijn. Maar even zozeer andersom: als een Joodse patient ziek binnenkomt en hij/zij weliswaar Joods is, maar totaal ongelovig, dan moet hij ook als ongelovige onze kliniek verlaten. Gedurende zijn verblijf in ons psychiatrisch centrum is hij ziek, geestesziek. Het is onethisch om die periode te gebruiken, of beter gezegd te misbruiken, om hem de richting op te krijgen waarvan ik geloof dat dat de juiste is. Als duikouders in de oorlog, en dat is gebeurd, Joodse kinderen in die periode losrukten van hun Joodse geloof en ze bekeerden, ook dat vind ik niet correct, eigenlijk onaanvaardbaar.

    Ben ik dus voor vrijheid van Godsdienst? Zeker! Ben ik voor vrijheid van meningsuiting? Zeker! Ben ik voor persvrijheid? Zeker! Heb ik de vrijheid om de ander te overtuigen van mijn gelijk? Zeker!

    Maar iedere vrijheid moet wel met grenzen zijn omgeven.

    Bij de herdenking van 65 jaar bevrijding in Ter Apel op 14 juni 2010 heb ik het als volgt verwoord:

     

    Voor de bevrijding werd gestreden

    Voor toen, voor morgen en voor het heden.

     

    Maar als vrijheid betekent, alles kan en alles mag

    En respect verdwijnt voor Overheid en voor gezag.

     

    Als waarden en normen vervagen en verdwijnen

    Als mensen alleen denken aan zichzelf en aan de zijnen.

     

    En voor de ander is geen plaats en is geen oord

    Als het aanvaard is te denken dat dat zo hoort.

     

    Dan is de bevrijding van toen niet de bevrijding van het heden

    Is het niet de vrijheid waarvoor toen werd gestreden.

     

    Laten wij de helden van toen memoreren en eren

    Door antisemitisme, discriminatie en rassenhaat niet te tolereren

     

    We gedenken de slachtoffers in vrede

    Sjalom voor ieder mens, is onze bede….

     

    Polarisatie is een groot gevaar en vormt een wezenlijke bedreiging voor onze samenleving. Die oude wijze Joodse dame die me gisteren belde naar aanleiding van de aanslag in Wenen, nota bene de geboorteplaats van haar ouders, was met verdriet en zorg vervuld over de onschuldige slachtoffers. Maar tegelijkertijd, en dat maakt haar voor mij zo wijs, was ze bezorgd over polarisatie waaronder zij ook heel voorzichtig vermeldde het onnodig kwetsen van de godsdienst van een ander. Ik begrijp haar. Iedere vrijheid moet grenzen hebben, anders is de vrijheid een soort gevangenschap die fanatisme en polarisatie in de hand werkt. Fanatiek vrij kan net zo problematisch zijn als fanatiek gelovig. Of, zoals we dat lezen in de Spreuken der Vaderen (hoofdstuk 2:1): “Wat is de juiste weg die de mens moet kiezen? Iedere weg die eer geeft aan hem die hem volgt en waardoor hij bij mensen geëerd wordt.”

     

    En verder ben ik nog bezig geweest, achter de schermen, met de Duitse begraafplaats in Ysselsteyn waar vele collaborateurs en moordenaars begraven liggen. En mijn wekelijkse zoomcursus voor RabbijnenNL. En, heel belangrijk: ik heb mijn snel-wandeling gemaakt!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

     

  • Mijn auto in de vangrail! Dagboek van Een Opperrabbijn 15 november 2020

    Direct na de uitgang van de sjabbat kwam er een fotograaf van het Nederlands Dagblad om mij in sjabbat-kleding op de gevoelige plaat vast te leggen. Zondag was hij er weer, maar toen om mij in door-de-weekse kleding, wederom te vereeuwigen. Ik heb hiermee het ND (Nederlands Dagblad) aan vulling voor 2 pagina’s geholpen. Bij iedere foto een korte uitleg.

    Na sjabbat vond ik in mijn Inbox een e-mail van een bejaarde dame: “Lieve Rebbe, Ik hoop, dat het goed met u gaat en dat u in goede gezondheid bent. In de stilte van corona ben ik Thora gaan lezen en dat bevalt erg goed, dat heeft me de nodige positieve energie gegeven. Ik vind het leuk, als u iets terug schrijft.” Toch geweldig om, zonder dat ik er eigenlijk iets voor hoef te doen, iemand tot steun te mogen zijn.

     

    Ondertussen ben ik bijgekomen van donderdag. Ik bedoel niet zozeer de vierhonderd kilometers en ook niet de spanning van de bezoeken. Neen. Ik doel op de aanrijding die ik had en de zware blikschade aan mijn auto. Laat ik even in het kort uitleggen wat er is gebeurd. Ik was dus op de omstreden Duitse begraafplaats Ysselsteyn, daarna in Den Haag in de ambassade van Israël waar de Gereformeerde Kerken hun Schuldbelijdenis officieel overhandigden en daarna een gesprek met de ambassadeur van Duitsland in zijn Haagse residentie. Een rabbijn wordt geacht om, voordat hij tot een oordeel komt, zich eerst goed te verdiepen in de problematiek. Mij werd verzocht om te oordelen over de kranslegging op de nazi-begraafplaats in Ysselsteyn. Hoe dat verzoek bij mij kwam is niet relevant, maar het kwam van verschillende kanten. En dus wilde ik zien en ter plekke horen wat hier speelt. Wordt hier herdacht? Wordt hier eer betoond aan Nederlandse landverraders en SS-ers? Of liggen hier uitsluitend gewone soldaten? En wie waren de kindsoldaten waarover wordt gesproken? Onschuldige kinderen van 10 jaar? Ik heb me een goed beeld weten te vormen. Daarna dus de Schuldbelijdenis van de Gereformeerde Kerken en daarna het gesprek met de Duitse ambassadeur. Maar daartussen een aanrijding. Hoe verliep die aanrijding: Ik reed de parkeergarage uit van de Israëlische Ambassade. Dat was eenvoudiger gezegd dan gedaan. Iemand moest met mij mee vanaf de ambassade op de zesde verdieping via allerlei beveiligde deuren, een lift die voor mij bediend werd en vervolgens mijn auto in en de parkeergarage UIT. Maar die parkeergarage was op slot en moest voor mij geopend worden. Ik reed dus naar de uitgang. Voor mij verscheen plotseling de man die voor mij de slagboom moest openen. Waarom hij daar midden op de weg stond en niet aan de kant, was mij niet duidelijk. Bovendien was het donker. Door mijn hoofd flitste de vraag waarom hij mij de weg blokkeerde en omdat ik hem niet omver moest rijden zocht ik naar de slagboom. Die slagboom was er niet, maar naast hem, aan de rechterkant zag ik iets dat kon duiden op een nog gesloten rolluik. Het rolluik ging toen inderdaad omhoog en ik dus netjes naar rechts om voor het rolluik te komen en om de medewerker van de ambassade niet te dicht te benaderen draaide ik op tijd naar rechts. Maar ik had niet gezien dat er rechts van mij een lage vangrail was…Auto naar de garage gebracht op vrijdag en nu rijd ik dus in ‘vervangend voertuig’. Ik had er goed de pest in. Kost tijd, gezeur en geld. Maar nadat ik in mijn voorbereiding naar de sjabbat weer eens duidelijk had gelezen dat zelfs de beweging van een grassprietje al vanuit het Boven was geregeld, zoveel te meer wat de mens overkomt. En dus, op weg naar sjoel voor de vrijdagavonddienst, zocht ik de diepere betekenis van die botsing: 1/ De medewerker van de ambassade stond voor de botsing midden op de weg. 2/ Ik zag geen uitgang, want er was geen slagboom 3/ Omdat de vangrail heel laag was onttrok die vangrail zich aan mijn gezichtsveld en veroorzaakte de botsing. Het enige doel van de vangrail was dus om mij te treiteren! Zo beleefde ik het op donderdag. Maar al lopend naar de synagoge, vrijdagavond, toen ik mijn aanrijding nog eens in gedachte herbeleefde en er iets zakelijker tegenaan keek, begreep ik dat 1/ de medewerker er speciaal stond om mij de uitgang te wijzen. 2/ de uitgang was een rolluik en geen slagboom als extra beveiliging om ongewenste figuren buiten te houden en 3/ de vangrail moest aanrijdingen voorkomen tussen ingaand en uitgaand verkeer.

    Waarom keek ik er een dag later anders tegenaan?  Donderdag overheerste mijn gevoel. Een dag later, op weg naar de synagoge, mocht ook mijn verstand meekijken en kreeg ik dus oog voor de nuance. Het was dus een dag van nuances, maar niet alleen bij de botsing: 1/ Ysselsteyn was voor mij toch iets anders dan ik in eerste instantie vermoedde. De brasserie bleek een gelegenheid waar een kopje koffie werd gedronken in aansluiting op het bezoek aan een indrukwekkende educatieve tentoonstelling waarin gewaarschuwd werd tegen de gruwelen van oorlog. 2/ Tijdens de ceremonie op de Israëlische Ambassade begreep ik dat de Schuldbelijdenis aanvankelijk niet door alle kerken werd gedragen en dus gecompliceerder was dan ik vermoedde en 3/ bij de Duitse Ambassadeur ben ik tot het besef gekomen dat zijn Duitse “Gedenken” een andere betekenis heeft dan ons Nederlandse “Herdenken”.

     

    De klap tegen de vangrail had mijn ogen geopend voor de nuance, en dat is goed!

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks ophttps://niw.nl/category/dagboek/

  • Mijn G’d, de moffen, we gaan er allemaal aan…. Dagboek van een opperrabbijn 14 oktober 2020

     

    Vandaag heb ik enige uren op Muiderberg rondgelopen en gezocht naar de graven van mijn overgrootouders, de ouders van mijn opa. Vandaag precies acht jaar geleden is mijn moeder overleden en had ik dus vandaag Jaartijd. Extra aan tsedaka, liefdadigheid, gedoneerd en natuurlijk lang bij het graf van mijn moeder gestaan. Zevenennegentig jaar heeft mijn moeder op deze aarde doorgebracht. Meer dan zestig jaar mocht ik haar als moeder hebben. En omdat ik toch op Muiderberg was heb ik uiteraard ook de graven van mijn grootouders bezocht en ook die van de ouders van mijn opa Jacobs. Veld C, rij 46, graf 82 en 83.  Maar ook heb ik gezocht en helaas niet gevonden.

     

    Een Israëlische arts die nu in België aan een van de Universitaire Ziekenhuizen is verbonden, probeert uit te vinden wie haar Nederlandse groot- en overgrootouders waren. En dus werd ze in contact gebracht met mij. We hebben al familie weten op te sporen waarvan zij het bestaan überhaupt niet wist. En ook die opgespoorde familie wist niet dat er nog nazaten van hun overgrootvader in leven waren. Vanochtend, net voordat ik naar Muiderberg vertrok, ontving ik de foto van haar oma. Oma was 43 jaar toen zij, haar man en haar kinderen stierven. Op 15 mei 1940 stierven ze allen, ze zagen de bui al hangen en namen zich het leven. Ik hoopte hun graven op Muiderberg te kunnen vinden, gezocht maar niet gevonden. Waar ze dan wel hun laatste rustplaats hebben gevonden wil ik nog uitvinden. Hun kleindochter, de arts, wil hun graven bezoeken. En al zoekend kwam ik het graf tegen van notaris Joseph Sanders, geboren in Sneek, de geboorteplaats van mijn oma. Moet de oom zijn geweest van mijn oma, gezien de verdere namen op de zerk. Nooit van zijn bestaan geweten. Maar ik heb zoveel niet geweten, want mijn lieve vader en moeder wilden mij, hun enige kind, niet belasten met al het verdriet dat zij moesten meemaken. En dus weet ik niet wie hun ooms en tantes, neven en nichten waren. Ik heb er ook nooit naar gevraagd. Ik denk dat ik intuïtief aanvoelde dat er over de oorlog niet gesproken mocht worden, hoewel wel alles zich voor of na de oorlog afspeelde. Kennelijk heeft die periode tussen voor en na de oorlog niet bestaan. Mijn kinderen weten meer over het leven van mijn ouders in die periode dan ik. Maar één opmerking van mijn opa, de vader van mijn moeder, bleef en blijft in mijn geheugen gegrift. Mijn moeder vertelde me ieder jaar weer op 10 mei dat toen opa, haar vader, de vliegtuigen van de moffen boven Steenwijk hoorde en zag vliegen, hij zijn handen omhoog hief en uitriep: Mijn G’d, de moffen, we gaan er allemaal aan…… Opa, oma en mijn moeder en haar twee broers hebben de oorlog wel overleefd. Wat er gebeurd is met hun twee pleegkinderen, Joodse vluchtelingetjes uit Oostenrijk, weet ik niet. Is nooit over gesproken. Steeds weer die oorlog en de vertaalslag naar het opkomend antisemitisme van nu. Misschien trek ik het aan, lok ik het uit. Ik weet het niet. Morgen spreek ik bij de onthulling van het monument ter nagedachtenis aan de vermoorde Joden in Den Helder. Weer dus de oorlog. En ook weer die oorlog toen ik een telefoontje kreeg van een hoogleraar. Hij wil me spreken want hij is een ‘vader-Jood’’. Een afschuwelijke benaming voor iemand die alleen een Joodse vader heeft en dus niet Joods is. Zijn grootvader was een orthodoxe Jood uit Polen. Hun zoontje weten ze net voor de Duitse bezetting naar Nederland te krijgen. En dan komt ook hier een bezetting en het jongetje, dan inmiddels al een puber is, duikt onder. Het jongetje gaat na de oorlog trouwen met de dochter van zijn duikouders. En dus heeft hun zoon, de hoogleraar, een probleem. Hij valt tussen de niet-joodse wal en het Joodse schip. En wie lijdt hieronder het meest? De dochter van de Professor. We, de Professor en ik, gaan een kop koffie drinken, kijken waar ik iets kan betekenen voor hem en zijn dochter. Zeggen dat hij toch Joods is omdat ook vader-joden Joods zijn, klinkt leuk, lost niets op en klopt niet. Vergelijkbaar met een arts die een zieke patiënt vertelt dat de ziekte nauwelijks een ziekte is. Ja. Professor, u heeft een probleem. Ontkennen lost het probleem niet op, maar misschien stoppen we te spreken over de vader-jood als probleem. Laten we het een uitdaging noemen, klinkt beter oplosbaar. Tenslotte nog dit: mijn enige oude lieve tante, vandaag 93 geworden en die ik net heb gesproken, is van mening dat de schuld van de noodzaak tot verscherping van de corona-regels bij de veertigers ligt, die weigerden afstand te houden en zich aan de corona-wetten te onderwerpen. Waarom weigerden ze volgens mijn tante zich aan de corona-regels te houden? Ze hadden de oorlog niet meegemaakt!

     

    Ziet u het? Zelfs mij lieve intelligente tante die ik alleen maar belde om haar mazzeltov te wensen, lukte het om de oorlog weer op tafel te krijgen.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks opwww.niw.nl

  • Oeigoeren beheersen mijn geweten - Dagboek van een opperrabbijn

    Ik zit in een dubio, een gewetensconflict. Verschillende keren ben ik benaderd door iemand die aangeeft aandacht te vragen voor de Oeigoeren. Het doet me denken aan die tentoonstelling in Nijkerk over de “Redders in Nood”, een tentoonstelling speciaal voor kinderen over mensen die in de jaren ’40-’45 verzet boden met gevaar voor eigen leven.

     

    In die tentoonstelling sta je op een gegeven moment voor drie deuren. Als je op de bel drukt van deur 1 hoor je een geluidsopname die laat horen hoe Ds. Verduin, de verzetsstrijder, aanbelt bij een lid van zijn gemeente en vraagt of dat gemeentelid voor slechts een nacht onderdak kan bieden aan twee Joden die in grote nood verkeren. Bewoner van huis 1 reageert woedend en verwijt de dominee dat hij zijn gemeenteleden in gevaar brengt. Bewoner 2 geeft aan erg graag te willen helpen, maar is bang voor onverhoopte gevolgen voor haarzelf en haar gezin. Ze durft niet. Bewoner 3 neemt de twee Joodse mannen in huis.

     

    Oeigoeren worden in China niet erg netjes behandeld, om het maar even zeer cynisch te verwoorden. Mij wordt nu gevraagd om hen te steunen, de politiek in te schakelen, een petitie te ondertekenen. De man die mij benadert is een mij onbekende en op mijn vraag aan hem of de leadership van de Rooms Katholieke Kerk en de Protestantse Kerk in Nederland ook de petitie ondertekenen, krijg ik als antwoord het verzoek of ik hen wil benaderen. Ik kan me er eenvoudig uitdraaien door aan te geven dat ik geestelijke ben en geen bestuurder en dat het CJO, Collectief Joodse Overleg, zijn aanspreekpunt moet zijn.

    Maar ja, denk ik dan, dat heeft Ds. Verduin ook niet gedaan. En zelfs als CJO al benaderd zou zijn en actie heeft ondernomen, waarom zou ik dat dan ook niet doen. Anderzijds word ik mogelijk in een politiek gesleept waarop ik echt niet zit te wachten, vraagt hij van mij actief betrokken te zijn en zegt een satanisch stemmetje in mij dat ik niet de verantwoordelijkheid op me kan nemen voor de gehele wereld. Ook weet ik niet wie die persoon is die mij benadert. Is hij wie hij zegt te zijn? In de oorlog zijn vele niets vermoedende echte verzetshelden omgekomen door intern verraad. Het knaagt aan mij, ook nadat navraag over deze wellicht zeer oprechte persoon niets negatiefs over hem oplevert. Hij komt ietwat naïef over, is naar zijn zeggen naar mij verwezen omdat ‘Jacobs overal binnen kan komen’, maar wie hem naar mij heeft verwezen weet ik niet en of hij inderdaad de Oeigoeren vertegenwoordigt is mij ook niet duidelijk. Maar dat Oeigoeren worden vervolgd lijdt helaas geen enkele twijfel.

    De drie deuren in Nijkerk blijven maar in mijn gedachten bovenkomen.

     

    Ondertussen weer een verzoek voor een rabbinale verklaring die iemand nodig heeft om lid te kunnen worden in het buitenland van een Joodse Gemeente. Op zichzelf geen probleem, alleen beschik ik niet over een goede secretariële ondersteuning die hiermee kan omgaan en ben ikzelf al maanden niet meer op kantoor geweest. Niemand die zich afvraagt hoe ik e.e.a. draaiende houd in de coronese tijden. Ook nog een hulpvraag van een gescheiden Joodse vrouw met vier kinderen die in Italië woonachtig is, geen contact meer heeft met haar man, een vriendin heeft in een van mijn zeer kleine Joodse Gemeenten en door die vriendin geadviseerd is om in die piepkleine Joodse Gemeente te gaan wonen ‘want daar kunnen haar kinderen aan het Joodse leven deelnemen en wekelijkse Joodse lessen krijgen’. Of ik het even kan regelen.

    O ja, ook nog een vraag van de functionaris die belast is met de begraafplaatsen. Op een van de meer dan 200 Joodse begraafplaatsen die Nederland rijk is, stond een zieke iep. Die is gekapt en de vraag is nu wat er moet of mag gedaan worden met het hout: Op de begraafplaats laten liggen of weg laten halen. En wat te doen dan met de opbrengst van het hout als het hout wordt verkocht.

    Een vriend van mij is stadarcheoloog, wordt door mij ingeschakeld bij het (sporadische) herbegraven, werkt vanwege corona van huis uit (even onduidelijk voor mij hoe een archeoloog van huis uit opgraaft!) en wil graag weten hoe de katholieken dat doen. En dus legt hij deze vraag bij mij neer, omdat hij geen bisschoppen kent. We zijn er inmiddels uit. Niet via de bisschop, want niet iedere bisschop zal zich in deze materie verdiept hebben, maar wel via een Hoogleraar die ik goed ken en die in mijn (Joodse) optiek het summum is van kennis over Rome en alles daaromheen.

     

    En inderdaad binnen een halve dag weten de archeoloog en ik beiden hoe Rome omgaat met grafrust. Ik citeer: “Graven mogen nooit geschonden worden. Daar staan kerkrechtelijke straffen op. Maar mensen mogen wel worden herbegraven. Dat wordt niet gezien als een schending van de grafrust. Vaak gebeurt dat bij mensen die worden zalig- of heiligverklaard. Als dat is gebeurd, wordt het stoffelijk overschot vaak overgebracht (translatio) naar een altaar, waar het onder de altaarsteen wordt bijgezet.” Interessant om te weten, maar of deze kennis past in het dagboek van een rabbijn betwijfel ik ten zeerste.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.

     

  • Ook als alleen de betbetovergrootvader van Cohen Joods was zou ik hem helpen - Dagboek van een Opperrabbijn

    Omdat ik zondag naar Berlijn vlieg, zal landen om 11:30 uur op vliegveld Tegel en ik om 12:00 uur in Melbourne-Australië word verwacht, heb ik rabbi Riesenberg, organisator van de bijeenkomst in Melbourne, gebeld of ik in plaats van de eerste spreker de laatste kan zijn, zodat ik pas om 12:45 uur aan de beurt ben. Mocht u het niet helemaal begrijpen: ik zal dus niet fysiek in Australië zijn, maar ik word vanuit Berlijn naar Melbourne gezoomd. In Melbourne zitten ze al weken in een lockdown en verwachten ze niet dat ze de Hoge Feestdagen naar sjoel kunnen. De rabbijn klonk redelijk pessimistisch, verdrietig en ook boos. Boos op de Overheid die, zoals hij mij mededeelde, verkeerd was omgegaan met corona en nu moest laten zien het braafste jongetje van de klas te zijn...

     

    Verder ben ik vandaag aan een nieuw coronatijd-ritme begonnen. Vroeg opstaan, dan mijn snel-wandeling, daarna het ochtendgebed en dan aan de computerslag, want het meeste werk loopt via de computer. Vanmiddag had ik een interview met Frans Bromet, de bekende documentairemaker. Onderwerp: antisemitisme! Erg origineel. Het wordt een documentaire van 55 minuten met tien interviews. Een aantal van de geïnterviewden zijn ook, zo vertelde Bromet me, notoire antisemieten. Was een fijne kennismaking met een goed gesprek. Hoeveel ervan zal worden uitgezonden is nog maar de vraag, maar veel kan het niet zijn, hoewel hij hier een uur en een kwartier aan het opnemen was.

     

    Wat me tegenviel was zijn opstelling ten opzichte van Israel. Hij wist me te vertellen dat Israëlische soldaten willekeurige huizen binnenvallen om te plunderen en nog een paar van dit soort verhalen, zoals het gericht schieten op vredig demonstrerende Palestijnen, door Israëlische soldaten. Er viel moeilijk tegenin te praten want hij gaf aan het met eigen ogen gezien te hebben. Jammer!

    Verder een fijn interview met toch nog een positief verrassend slot: dat bij het Israel Producten Centrum invallen waren gedaan door de NVWA (de Voedsel en Waren Autoriteit) was hem totaal onbekend. Hij had überhaupt nog nooit gehoord van IPC en van Christenen voor Israel. En dus maakte ik van de gelegenheid gebruik om de video van Sara van Oordt te tonen waarin zij uiteenzet hoe verkeerd NVWA bezig is. Ik heb hem uitgelegd dat NVWA geen tijd heeft om in de slachthuizen te kijken hoe het gesteld is met sadisme en dierenleed. Ze hebben daarvoor absoluut geen tijd. Tijdgebrek schijnt bij de NVWA een chronisch probleem te zijn en dus laten ze dat liggen waarmee ze feitelijk mee bezig zouden moeten zijn en laten de dieren creperen. Maar voor die paar flessen heerlijke Israelisch wijn uit 'Israëlische dorpen in Judea en Samaria' hebben de dames en heren van de NVWA alle tijd van de wereld. Tegen het eind van het interview heb ik de YouTube getoond waarin Sara aan het kromme NVWA uitlegt hoe verkeerd ze bezig zijn en heb voorgesteld dat hij haar ook interviewt. 

     

    We zien wel wat ervan komt. Interessant was dat het onderwerp vrij onverwacht overging naar de vraag wie er nu eigenlijk Joods is. Hij bleek een Joodse vader te hebben en leefde een beetje in de veronderstelling dat ik dan dus antisemitisme niet zou afkeuren als het hem zou treffen, omdat hij joods-wettelijk bezien niet Joods is. Onzin met een uitroepteken! Ook als de heer Cohen tien generaties geleden Joods zou zijn geweest vanwege een betbetovergrootvader en antisemitisch bejegend zou worden, dan zou ik vooraan staan om hem te helpen. Dat was voor Bromet een eyeopener, merkte ik. Volgens hem mochten BDS mensen Israel niet binnen. En ik geloof niet dat hij wist dat er behalve Palestijnse vluchtelingen ook Joodse vluchtelingen bestaan die al hun bezittingen in hun Arabische vaderlanden moesten achterlaten en van wie vele familieleden, voordat ze konden vluchten, vermoord werden.

    De moeite waard om deze YouTube te bekijken en te verspreiden (als u vóór Israel bent en dus tegen antisemitisme!).

    https://www.youtube.com/watch?v=1COVgAM1bRY

     

    Tussen gesprekken door met politie over sjoels in den lande wel of niet open gedurende de Hoge Feestdagen, ben ik begonnen aan zoomtoespraak voor zondagavond voor het NIK, het Nederland Israëlitisch Kerkgenootschap, federatie van Joodse Gemeenten. En ook als tussendoortje las ik in het RD dat Dr. de Boer waarneemt dat “Antisemitisme ook voorkomt in de gereformeerde gezindte”. Triest dat dat het geval is en fijn dat de Boer dat aan de kaak stelt. Dat was eigenlijk ook de oproep van die Frans Bromet: “Treedt naar buiten als Joodse gemeenschap. Laat zien wie je bent. Geef cursussen voor niet-Joden opdat zij weten wat Joden zijn. En vergeet vooral de scholen niet! Want de jeugd maakt of breekt de toekomst”. Ik ben helemaal vóór, maar één klein probleem: Wij, Nederlandse Joden, zijn nog maar een kleine groep en doen wat we kunnen aan lezingen op scholen en geven overal in den lande rondleidingen in synagogen, maar zijn maar met weinigen.

     

    Ook een gesprek gehad met rabbijn Shimon Evers over de sjoeldiensten gedurende de aanstaande Feestdagen. En een whatsapp van de Belgische cateraar die onder mijn rabbinale toezicht met het Loofhuttenfeest open wil. Ook nog een e-mail van een journalist van een bekend Nederlands Tijdschrift die mij confronteert met een YouTube waarop wordt beweerd dat de Joden alle media beheersen. Dat weet ik dan ook weer, dacht ik enthousiast. Fijn dat wij Joden zoveel macht hebben, want hoe meer macht, hoe meer goed gedaan kan worden om deze samenleving tot de uiteindelijke en alomvattende shalom te brengen, zonder antisemitisme.

  • Opperrabbijn als rechter

    Hoewel het vandaag niet echt soeka-weer was, want er waren enorme plensbuien, toch was het iedere keer als we wilden gaan eten kurkdroog. En dus heb ik niet een keer moeten uitwijken naar de woonkamer of, en dat zou ik dan gedaan hebben, in de soeka gegeten met een dicht dak!

     

    Vanochtend heb ik weer wat ‘gewoon’ rabbinaal werk verricht. Een baby geboren en die moet een brith milah hebben, een besnijdenis. Omdat de ouders geen bekenden zijn van de Joodse Gemeente moet ik op het laatste moment uitzoeken of de moeder inderdaad Joods is, want ervaring heeft me geleerd dat velen pas op het allerlaatste moment mij benaderen. En dus mag ik weer het vuile werk doen. Nou hoor ik u redeneren: als de moeder zegt dat ze Joods is waarom zou ze het dan niet zijn? U stelt een goede vraag, maar ik moet als rechter, want dan ben ik dan even, tot een rabbinale uitspraak komen. Ik ben dan even geen psycholoog en ook geen pastorale werker. Feiten! Overigens heeft de Brith Milah, de besnijdenis, inmiddels plaatsgevonden. Mazzeltov. Weer een Joods jongetje opgenomen in het oeroude verbond.

     

    En dus heb ik niets te maken met de vraag waarom iemand zich zou willen uitgeven als Jood of Jodin als hij of zij dat niet is. Maar even ter informatie: vele keren heb ik aangetoond dat mensen een bewijs van Jood-zijn willen hebben die van geen kant iets met Joden te maken hebben of hebben gehad. Ik herinner mij een mevrouw die aangaf dat ze Joods was, niemand die daaraan twijfelde, ook ik niet. Alleen op een gegeven moment wilde zij voor haar dochter een verklaring hebben dat haar dochter een Joodse moeder heeft. Toen er geen enkel bewijs bestond gaf ze aan dat ze was geadopteerd. Haar ouders hadden haar op weg naar de concentratiekampen afgestaan aan haar pleegmoeder. Maar die pleegmoeder mocht ik niet benaderen, want dat was voor haar te emotioneel. En de naam van haar echte ouders wist ze ook niet.

    Van mij wordt dat verwacht uiteraard vriendelijk te blijven en heel erg goed te luisteren. Waar klopt haar verhaal wel en waar niet. Mijn taak is om haar te helpen in het aantonen van haar Jood-zijn, maar het moet waar zijn. Het betrof hier een keurige, gestudeerde en vermogende vrouw. Ze maakte absoluut niet de indruk dat er iets mis met haar zou zijn. Maar het bevreemde mij wel dat ik haar pleegmoeder niet mocht benaderen. En ook navraag bij het ziekenhuis in Parijs waar zij zeker wist dat ze daar was geboren, werd mij door haar niet toegestaan. Uiteindelijk bleek er iets heel essentieels in haar verhaal niet te kloppen. Haar ouders hadden haar op weg naar Auschwitz afgegeven aan haar pleegmoeder, alleen de datum die ze opgaf en waarover ze zeer stellig was, klopte niet. Auschwitz bestond toen nog niet en er waren toen nog geen deportaties vanuit Frankrijk naar de vernietigingskampen. Ik heb haar dat stuk van haar geschiedenis laten opschrijven, nog een extra keer nagevraagd of alles klopte en speciaal de datum. Nadat ik haar had geconfronteerd met deze onmogelijke datum van transport van haar ouders, vertrok ze bij de Joodse gemeente. Nooit meer van haar ook maar iets vernomen.

     

    Maar ook vandaag werd ik gebeld door een Israëlische arts die ergens binnen de EU werkzaam is in een Academisch Ziekenhuis. Zijn Jood-zijn leidt geen twijfel. Maar hij wil weten wie zijn grootouders waren, Nederlanders van ver voor de oorlog. Niets weet hij over hen. Ik meteen in de telefoon geklommen en kijk, na enige uren heb ik familie boven weten te krijgen waarvan hij het bestaan überhaupt niet wist. De arts en de familie zijn met elkaar in contact gekomen. Beiden zijn erg verheugd. De jonge arts had niet kunnen dromen dat er van zijn voorgeslacht nog overlevenden zouden zijn.

     

    Maar om even terug te keren naar het begin van mijn dagboek van vandaag: Terwijl ik aan het schrijven ben heb ik al drie keer het regen-dak van de Soeka mogen openen en sluiten omdat het begon te regenen of omdat het juist weer droog was.

     

    Zojuist zijn we teruggekeerd van een feestje in de soeka van Almere. Het was uiteraard rustiger dan andere jaren, maar aan Simcha ontbrak het niet. Volop te eten in de grote soeka, alles p.p. verpakt.

    Een prachtige show met vuur. Fakkels, vuurspuwen, met vuur een soort levend roulette spelen en dat alles onder een aandachtig luisterend publiek en in een maar niet stoppende regenbui die bijna deed denken aan de vloedgolf uit de tijd van Noach.

     

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP en NIW publiceren deze bijzondere stukken dagelijks.

  • PKN biedt excuses aan voor rol in Jodenvervolging, Dagboek van een Opperrabbijn

    https://www.nporadio1.nl/dit-is-de-dag/onderwerpen/66735-2020-10-22-pkn-biedt-excuses-aan-voor-rol-in-jodenvervolging

     

    Soms verlopen dagen totaal anders dan verwacht, en dat was dus vandaag het geval. PKN had bekend gemaakt dat ze een verklaring gaan uitgeven waarin ze schuldbelijden voor de houding van de kerken in de oorlog. En dus kreeg ik het eerste telefoontje al om 8 uur vanochtend van het Reformatorisch Dagblad met de vraag: Wat vindt de Joodse Gemeenschap hiervan? Lastig, want als er wordt gevraagd wat ik ervan vind, kan ik meteen een antwoord geven, maar als ik de woordvoerder word van de gehele Joodse Gemeenschap, wordt het ingewikkelder. En toch meen ik wel globaal te weten hoe er over de schuldbelijdenis gedacht wordt binnen Joods Nederland. Maar ik had hierover nog nauwelijks kunnen nadenken of Family7 aan de lijn, toen Grootnieuws radio, daarna de Telegraaf en uiteindelijk NPO1 Dit is de Dag. En omdat de titel van mijn dagboek gewoonlijk de kortste samenvatting is van mijn dagvulling, werdhttps://etc> vandaag de kop!

     

    Overigens werd ik tussendoor wel nog geïnterviewd door een student van de school voor de journalistiek uit Zwolle, maar dit ging niet over de schuldbelijdenis, maar “gewoon” over antisemitisme. Als u wilt weten hoe ik denk over die schuldbelijdenis, klik dan op de titel van vandaag of kijk op de voorpagina van het Reformatorisch Dagblad. Eigenlijk heb ik niet veel meer kunnen doen dan die schuldbelijdenissen, want hoewel ik niet veel moest voorbereiden, vroeg het wel veel tijd, want iedere tien minuten in de lucht vereist minstens het vierdubbele aan voorbesprekingen.  Dus eerst vanochtend een half uur de vraag van Dit is de Dag of ik wil meewerken en of ze mij überhaupt wel willen. Toen om 15: 00 uur een voorbereidingsgesprek, een half uur naar Hilversum rijden, een uur in de studio en toen weer een half uur terug. Hoewel de andere uitzendingen via zoom verliepen, waren ook daar voorbesprekingen en het testen van geluid, inloggen, telefoon uitproberen en ook nog bij Family7 een storing eerst in beeld en toen dat was opgelost in het geluid.

     

    O ja, ik vergat bijna dat ik vanochtend een zoom-vergadering had met Stieneke van de Graaf. Zij is fractielid van de CU in de Tweede Kamer. Wat moest ik van haar? Er is een wetsvoorstel in aantocht die het mogelijk maakt dat bij een burgelijke echtscheiding ook door de rechter uitspraak wordt gedaan dat de man of de vrouw op straffe van een dwangsom aan een religieuze echtscheiding moet meewerken. Zondermeer een prima zaak. Voorkomt treiterende mannen die weigeren mee te werken aan een religieuze echtscheiding nadat de civiele echtscheiding reeds heeft plaatsgevonden. Deze wet zal zeker soulaas bieden aan de Islamitische Gemeenschap in ons land. Maar door deze goedbedoelde wetswijziging, komen wij Joden juist in de knel. Als de rechter namelijk de man, die doet meestal het moeilijkst en treitert het graagst, dwingt een get (religieuze scheiding) af te geven, dan is die get volgens Joods religieus recht ongeldig omdat de man de get niet uit vrije wil heeft afgegeven. En dus, hoewel het goed is dat er een wetsvoorstel in de maak is die wil voorkomen dat mensen die civiel gescheiden zijn, toch nog religieus aan elkaar vast blijven zitten, werkt dit wetsvoorstel voor de Joden precies averechts en zal er voor de Joodse gemeenschap hier ter lande een kleine aanpassing in het wetsvoorstel moeten komen, zodat de vervelende echtgenoot niet kan treiteren. Hoe dat wetsvoorstel jurdisch dan in mekaar moet zitten, wist ik niet precies en dus had ik Mr. Loonstein mee laten zoomen.

     

    Geheel los van zoom, radio, tv en andere media, had ik een probleempje: ik krijg bijna iedere dag een e-mail met verzoek om te doneren. En dat doe ik graag, maar toch aarzel ik. Wie geef ik wel, wie geef ik niet? Sinds een week ontvang ik bijna dagelijks een e-mail van een vader wiens dochter van 16 jaar op het vliegveld van Bulgarije is gearresteerd vanwege een ‘onschuldig’ pakje dat ze had meegenomen uit Israel. Een tragedie! Het kind hangt een gevangenisstraf van meer dan tien jaar boven het hoofd. Vader vraagt geld om zijn dochter vrij te krijgen en om een goede advocaat te regelen.  Bovendien is vader een appartement in Bulgarije gaan betrekken om in de buurt van zijn dochter te kunnen blijven die hij wel iedere dag mag bezoeken. Ramp! En dus heeft hij dringend geld nodig. Maar hoe weet ik of dit verhaal klopt? Iedere dag krijg ik tragedies lijkend op deze bedel-e-mail in mijn inbox. Dan weer een kind dat ongeneeslijk ziek is en een operatie behoeft, dan weer etc etc. Je kunt het zo tragisch niet noemen of ik ontvang er wel een bedel-e-mail over. Wel geven? Niet geven? Bij twijfel, niet inhalen? Maar wat heet hier “niet inhalen”? Lastig!

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks opwww.niw.nl

     

     

     

     

     

  • Rabbinaal advies aan ministers Kaag en Blok Dagboek van een opperrabbijn

    In het deel van de Thora dat aanstaande sjabbat in alle Traditionele Synagogen ter wereld wordt gelezen staat dat Mozes de Thora uitlegde voordat het Joodse volk het land Israel zou binnentrekken (dewarim 1:5). En onze verklaarders vertellen ons dat hiermee bedoeld wordt dat Mozes de Thora vertaalde in zeventig talen overeenkomstig de zeventig volkeren waaruit de wereld bestaat. Een mooie verklaring, maar eigenlijk totaal onbegrijpelijk. Nagenoeg iedere Jood sprak toch Hebreeuws en voor die paar enkelingen die de taal niet machtig waren, moest het hele volk daaronder lijden? Een van de lessen die we hieruit halen is dat welke taal je ook spreekt, waar je ook woont, de lessen uit de Bijbel zijn er voor eeuwig, voor ieder en onder alle omstandigheden.

    Toen de vertaling van de Thora in het Grieks verscheen, eeuwen later, viel er een duisternis over de wereld. Wat was er aan de hand? Waarom duisternis? Omdat een vertaling altijd kan resulteren in een niet beoogde verklaring met alle gevolgen van dien. Sommige woorden of gedachten laten zich niet vertalen. Neem bijvoorbeeld de vertaling van ‘sjabbat’ met rustdag. Klopt die vertaling? En als die vertaling juist is, betekent het dan dat alles waarvan ik moe word niet is toegestaan want het valt onder de verboden ‘werkzaamheden’? De reinheidswetten worden vaak gekoppeld aan schoon en vies, terwijl het daarmee totaal niet van doen heeft en het beruchte ‘oog om oog, tand om tand’ heeft nog nooit binnen het Jodendom letterlijk bestaan.

    En daarom viel er een duisternis over de wereld toen de vertaling door een aantal grote Joodse Geleerden klaar was. De vertaling was zeker perfect, maar een vertaling kan leiden tot een niet beoogde verklaring en dat is gevaarlijk en dat kan dan weer tot gevol hebben: een bijna onuitroeibaar antisemitisme.

    Maar waarom heeft Mozes dan wel vertaald? Vertaling kan toch leiden tot (verkeerde) verklaring? Wat was het verschil tussen de vertaling van de Geleerden en de vertaling van Mozes?

    Tussen Mozes en de Geleerden bestond er niet echt een verschil! Klopt, maar het verschil zat in de opdrachtgever. De directe opdrachtgever van Mozes was G’d. De opdrachtgever van de Geleerden was de Griekse koning Talmi. Met andere woorden: wie of wat is de bron!

    Of dichter bij huis vertaald: wat is de drijfveer van een journalist of politicus?

    En zo wordt door de media het opkomend antisemitisme gevoed, gestimuleerd, aangewakkerd: In de ‘bezette gebieden’ wonen ‘kolonisten’. Er had ook neutraal kunnen staan: In de ‘betwiste gebieden’ wonen ‘mensen’. Door de woorden ‘bezet’ en ‘kolonisten’ te gebruiken worden de Joodse bewoners gedemoniseerd en wordt het antizionisme = antisemitisme gestimuleerd. Maar ook ten aanzien van wel/niet abortus, het ‘voltooide’ leven en nog vele andere onderwerpen die bovenaan de politieke agenda's prijken, worden meningen onbewust opgedrongen, ook door zogenaamde neutrale media. Verkeerde koppen zijn gevaarlijker dan corona. Door verkeerde koppen worden hele dorpen uitgemoord, vallen er veel meer slachtoffers dan nu als gevolg van corona. Dat we nu over sociale media beschikken is zeker een zegen. Maar verkeerd gebruik van media kan in een vloek ontaarden.

    Om te weten of een product koosjer is, en dus geoorloofd voor consumptie door Joden, zijn producten voorzien van een koosjer stempel of sticker. Ik laat me nooit verleiden door de koosjer-stempel maar ik wil weten wie er achter die stempel zit. Welk rabbinaat heeft verklaard dat het product koosjer is. Als ik bijvoorbeeld weet dat een hulpverleningsorganisatie onder de vlag van de Verenigde Naties actief is, dan vraag ik mij in alle oprechtheid af: Is dit wel koosjer? Hetzelfde kun je jezelf overigens afvragen bij BLM. Ieder die een beetje ingevoerd is in de politiek moet dit kunnen begrijpen. Jammer dat onze ministers Blok en Kaag deze keer vergeten waren dat sommige vaandels, zoals de UAWC, de aangegeven lading niet altijd goed dekken. Het siert ze dat ze dat ruiterlijk erkenden, na indringende Kamervragen. Maar toch een (rabbinaal) advies voor de toekomst:

    Beste Excellenties: Ga niet blindelings af op de fles zelf, maar kijk wat erin zit. (De Spreuken der Vaderen) Anders verwoord: Is de inhoud wel net zo koosjer als de naam doet vermoeden?

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. CIP publiceert deze bijzondere stukken dagelijks.

  • Rariteitenkabinet. Dagboek van een Opperrabbijn, 25 oktober 2020

    Soms lijken mijn e-mail INBOX en mijn brievenbus, waar slechts spaarzaam wat invalt,  op een rariteitenkabinet. Ik laat u meelezen in een paar e-mails en brieven die ik de laatste dagen ontving:

     

    • “Ik ben een tiener die op onverklaarbare wijze een enorme aantrekkingskracht ervaart naar uw prachtige religie. Alles in mij trekt ernaartoe”. Netjes doorgestuurd naar iemand, een Joodse dame, die ik eerst had benaderd en die ze mag bellen om al haar vragen te stellen. Ik vermoed een stuk eenzaamheid achter haar hunker naar Jodendom, of problemen thuis of inderdaad een diepreligieus gevoel. Graag wil ik haar helpen, maar ik moet wel oppassen, geen idee wie zij is, waar ze woont en hoe ze aan mijn adres komt.
    • “Mijn vader wordt volgende week 80 jaar. Mijn moeder is vorig jaar plotseling overleden en dus is vader erg verdrietig en vooral eenzaam. Ik en mijn broer wilden een mooi feest voor hem maken, maar corona heeft het onmogelijk gemaakt. U kent mij en mijn vader niet, maar vader kent u wel en leest, als gelovig christen, met belangstelling uw dagboeken. Speciaal de grappen vindt hij erg leuk. Ben ik erg onfatsoenlijk als ik u vraag om mijn vader op zijn verjaardag maandag aanstaande te bellen.” Natuurlijk ga ik bellen, al ware het alleen al om de zoon, die zich zo ontroerend inzet voor zijn vader, te ondersteunen.
    • Een brief (reguliere post bestaat dus kennelijk ook nog!) uit Duitsland aan “the relatives of Carolina Fronica A Jacobs de Leeuw”. Wat die A erin doet weet ik niet, maar dit is dus mijn moeder die 8 jaar geleden op 97-jarige leeftijd is overleden. Afzender is Conference on Jewish Material Claims Against Germany. Mijn vader, die 20 jaar geleden op 82-jarige leeftijd is overleden, heeft, zo staat in de brief, recht op €1539,00 per kwartaal. Voorwaarde is wel dat mijn vader, op het moment dat het bedrag zal worden uitgekeerd, nog in leven is. Fijn dat mijn vader op zo’n mooi bedrag recht zou hebben gehad. Misschien krijg ik over een paar jaar een brief gericht aan the relatives van mijn vader, dat mijn moeder eenzelfde bedrag zou hebben mogen ontvangen! Het geeft me in ieder geval een rijk gevoel!
    • En wat denkt u van onderstaande:

    Datum uitspraak : 19 maart 2018

    AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

    Uitspraak in het geding tussen:

    Stichting Werkgroep Behoud de Peel, gevestigd te Deurne

    apellante

    en

    Het College van gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

    verweerde

    Een grote brand eind april 2020 legde 800 van de 1200 hectare veengebeid in de Deurnsche Peel in de as. Onder leiding van de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost hebben brandweer, politie en brandweer dagenlang samengewerkt onder moeilijke omstandigheden

     

    Bovenstaande kwam per reguliere post, gericht aan Het Secretariaat en dan mijn huisadres. Afzender staat nergens vermeld! Het is me niet echt duidelijk wat er nu van mij wordt verlangd. Als iemand een idee heeft: ik houd me aanbevolen!

    • En dan een verzoek van een niet-joodse historicus. Hij heeft uitgevonden dat een Joodse vrouw in de oorlog is overleden aan een natuurlijke dood. Zij zat ondergedoken en is in het geheim begraven, uiteraard op een algemene begraafplaats. De historicus heeft haar graf gevonden en verzoekt aan mij, via BenW van het dorp waar ze begraven ligt, of zij alsnog begraven kan worden op een Joodse begraafplaats. Geweldig! Ik meteen contact opgenomen met mijn Rabbinale Archeoloog. Dat is gewoon een archeoloog die Joods is en zich heeft gespecialiseerd in de halagische aspecten van dit soort klussen onder mijn rabbinale leiding. (Dat betekent dus in praktijk dat hij al het graafwerk verricht, met grote zorgvuldigheid, en ik sta erbij en geef als een van de stuurlui aan de wal hier en daar aanwijzingen en prevel de nodige gebeden.) Maar even los van dit tussen haakjes ge(mis)plaatste grapje: Wat een bijzondere klus. Wij, mijn archeoloog Drs. Leo Smole en ik, hebben echt het gevoel dat we haar thuis mogen brengen, na waarschijnlijk in het holst van de nacht, vestoken van haar familie, in groot geheim en eenzaamheid te zijn begraven en meer dan 75 jaar in volledige anonimiteit te hebben verkeerd. We beginnen aan de klus, gaan eerst nog proberen te achterhalen of er nog ergens familieleden in leven zijn en willen haar dan alsnog een waardige Joodse begrafenis geven. Uiteraard zullen de Joodse Gemeente die de eigenaar is van de begraafplaats waar zij nu verder zal mogen rusten, en Eduard Huisman, de functionaris van het NIK die belast is met alle Joodse begraafplaatsen, er zo spoedig mogelijk bij betrokken worden. Er zullen vergunningen tot herbegraving moeten zijn, een kist, transport en dan een begrafenis met het vereiste quorum van tien Joodse mannen opdat er kadiesj, het gebed voor de zielerust van de overledene, kan worden uitgesproken na al die jaren. En in een later stadium ook een waardige grafzerk waarop Leo en ik willen proberen de namen te vereeuwigen van haar famlieleden, waarvan bijna zeker het merendeel zal zijn vergast. Voor hen dus nergens een graf en van hen ook geen stoffelijke resten, verdwenen via de schoorstenen van de crematoria in het duistere gat der vergetelheid. Nu dus aan de slag! Leo en ik zijn dankbaar dat we ons hiervoor mogen inzetten.

    Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks opwww.niw.nl

  • Rijkdom en armoede

     

    ipor RCE

     

     

    Tijdens de veertig jaar in de woestijn had het Joodse volk te maken met twee soorten beproevingen: de beproeving van rijkdom en de beproeving van armoede. En beide beproevingen hadden ze nodig omdat beide beproevingen ook later, na de voorbereidingsjaren in de woestijn, voortdurend aanwezig zouden zijn, in het leven van alledag.

    Het manna viel dagelijks uit de Hemel. Het had allerlei smaken, kwam kant-en-klaar aan, ze hoefden zich geen enkele inspanning te getroosten om het te verkrijgen: het was rijkdom! Anderzijds zag het manna er iedere dag hetzelfde uit en mocht er slechts één portie per dag worden genomen. Er kon en mocht niet gehamsterd worden. Dat kon ervaren worden als armoede. Een mens wil eten in zijn voorraadkast. Ook als hij zeker weet dat er morgen weer eten aanwezig zal zijn, zolang hij het niet tastbaar en zichtbaar heeft…..

     

    Zo vergaat het ons ook in het dagelijks leven. Het gaat je goed, maar je beseft het niet. Je waant je arm en bent daardoor ook niet bereid om met anderen je rijkdom te delen, Tsedaka, liefdadigheid, zit er niet in.

    Anderzijds kan het zijn dat je onverhoopt arm bent. Je hebt inderdaad te maken met armoede en problemen, maar jij ervaart die problemen niet als een probleem. Dat manna viel inderdaad maar één keer per dag uit de Hemel, maar zo moest het kennelijk zijn.

     

    We zitten in een moeizame coronatijd. Je ziet mensen in paniek, depressief, verdrietig. De financiële zorgen stapelen zich op. Beperkingen, eenzaamheid, sommigen zien het niet meer zitten.

    Maar ik zie ook velen die het in mijn optiek erg moeilijk zouden moeten hebben, maar zij besteden geen aandacht aan hetgeen hen ontbreekt, maar concentreren zich volledig op wat ze wel hebben en ze zijn ervan doordrongen dat alles van Boven komt.

    Aan het begin van de coronaperiode was het buiten nog muisstil. Haast geen verkeer. Die stilte kan depressief werken. Maar ik herinner mij een ietwat oudere vrouw die juist genoot van die serene stilte, van de rust, van het geluid van de vogeltjes.

     

    Was het manna rijkdom of armoede? Het antwoord is: beide! Hetzelfde manna werd door de een als armoede gevoeld en de ander herkende de rijkdom erin.

    Zo ook vergaat het ons speciaal in deze coronaperiode: we maken allen min of meer hetzelfde mee, dezelfde beproeving. En toch zien we gigantische verschillen in de beleving. Wat de een als armoede ervaart, voelt voor de ander juist als rijkdom.

    De les is duidelijk!

    I

                         

    Inter Provinciaal Opper Rabbinaat

    Postbus 7967, 1008 AD Amsterdam T 020 3018495  E This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

    Het Rabbinaat omvat: Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Gelderland, Flevoland,

    Noord-Holland (m.u.v. Amsterdam), Utrecht, Zeeland, Noord-Brabant, Limburg

  • rooster Jeshivas Pensionariem ‘Shoshanas Ja’akov' en Rabbijnen NL

     

     

    datum

    Lokatie

    tijd

    spreker

    onderwerp

    Zondag

    11 oktober

     

     

     

     

    Maandag 12 oktober

    JCC & Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav D. Stern

    De mondelinge Thora

    JCC & Zoom

    11:00 – 12:00

    Dr. E.D.E. Bialoglowski

    Gemara massechet Berachot

    Dinsdag 13 oktober

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav S. Katzman

    Tanya hoofdstuk 1

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rav J. Vorst

    Pirke Avot

    Woensdag 14 oktober

    JCC & Zoom

    9:30 – 10:15

    Rav L.B. van de Kamp

    Megilat Esther met Malbim

    JCC & Zoom JCC & Zoom

    10:15 – 11:15

    11:15 – 12:15

    Dhr W. van Dijk Rav Y.U. Dunner

    Hoera, ik voel mij ongelukkig Gemara massechet Baba Kama

    Donderdag 15 oktober

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Het laatste woord van de Thora

    Zoom

    21:00 – 22:00

    Rav M. Stiefel

    Waarom de Thora met de letter Bet begint en andere inspirerende gedachten over Parshat Bereshiet

    Vrijdag

    16 oktober

    Zoom

    11:00 – 12:00

    Rav. A. Plancey

    Parshat Hashawoe’a

  • Rooster Shiurim zondag 1- november 6 november 2020, Shoshanas Ja'akov en Rabbijnen nl

    ד”בס

    In de week van zondag 1 november tot en met vrijdag 6 november a.s. vinden de volgende sjioerim Jeshivas Pensionariem ‘Shoshanas Ja’akov’ en Rabbijnen NL plaats

     

    datum

    Lokatie

    tijd

    spreker

    onderwerp

    Zondag

    1 november

    Zoom

    11:00 – 11:45

     

    20:00 – 21:00

    Dhr W. van Dijk

     

    Rav S. Katzman

    Hoera, ik voel mij ongelukkig

     

    Ramban op de Parasja

    Maandag

    2 november

    JCC & Zoom

     

    JCC & Zoom

    10:00 – 11:00

     

    11:00 – 12:00

    Dr. M. Bloemendal

     

    Dr. E.D.E. Bialoglowski

    Wajera: 3x engelen, wat zijn dat eigenlijk?

     

    Gemara massechet Berachot

    Dinsdag

    3 november

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav S. Katzman

    Tanya hoofdstuk 3

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rav J. Vorst

    Pirke Avot

    Woensdag 4 november

    JCC & Zoom

    9:30– 10:15

    Drs. J.N. de Leeuwe

    Gemara Massechet Sanhedrin 91a+b

    JCC & Zoom JCC & Zoom Zoom

    10:15– 11:15

    11:15 – 12:15

    20:00 - 21:00

    Rav S. Katzman

     

    Rav Y.U. Dunner

     

     

    Rebbetsin S. Katzman

    Awraham, de eerste Jood?

     

    Gemara massechet Baba Kama

     

     

    Aan de keukentafel met… mevr. Shoshana Nass-Krammer

    Donderdag 5 november

    Zoom

     

    Zoom Zoom

    10:00 – 11:00

     

    20:00 – 21:00

    21:00 – 22:00

    Rav P. Padwa

     

     

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Rav M. Stiefel

    Kashrus of oils and fats in preparation for Chanuka

     

    De eerste drie Sidrot

     

    De wetten van Thora leren, deel 3

     

     

     

     

     

     

    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL YouTube.com/TorahNL

     

    Met vriendelijke groet, gut shabbes

     

    This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

  • Rooster Shiurim zondag 8 november - 13 november 2020, Shoshanas Ja'akov en Rabbijnen nl

    Tot nadere aankondiging zullen alle sjioeriem via zoom plaatsvinden

     

    datum

    Lokatie

    tijd

    spreker

    onderwerp

    Zondag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav J.B. Serfaty

    Parsjat Hasjawoea

    8 november

     

     

     

    Meeting ID 88613947530 Password 2020

     

     

    11:00 – 11:45

    Dhr W. van Dijk

    Hoera, ik voel mij ongelukkig

     

     

    20:00 – 21:00

    Rav S. Katzman

    Ramban op de Parasja

    Maandag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Gastvrijdheid

    9 november

    Zoom

    11:00 – 12:00

    Dr. E.D.E. Bialoglowski

    Gemara massechet Berachot

     

     

    20:00 – 21:00

    Rav M. Frankenhuis

    De halachot van een kosjer mikwe en de diepere achtergrond

    Dinsdag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Rav S. Katzman

    Tanya hoofdstuk 4

    10 november

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rav J. Vorst

    Pirke Avot

    Woensdag

    Zoom

    9:30– 10:15

    Rav L.B. van de Kamp

    Megilat Esther met Malbim

    11 november

    Zoom

     

    Zoom

    10:15– 11:15

     

    11:15 – 12:15

    Rav I. Vorst

     

    Rav Y.U. Dunner

    Wajecheeloe-en zij aten. Werkelijk of schijnbaar? Met of zonder mosterd? Gemara massechet Baba Kama

     

    Zoom

    20:00 – 21:00

    Rebbetsin S. Katzman

    Aan de keukentafel met… mevr.

     

     

     

     

    Esti Grossbaum-Van Halem

     

    Zoom

    21:00 – 22:00

    Opperrabbijn B. Jacobs

    Kitsoer Sjoelcah Aroech

    Donderdag

    Zoom

    10:00 – 11:00

    Opperrabbijn R. Evers

    Medisch onderzoek bij embryoachtige

    12 november

     

     

     

    structuren en operaties aan het DNA bij

     

     

     

     

    embryo’s vanuit Joods perspectief

     

     

    Zoom

     

    20:00 – 21:00

     

    Rav M. Stiefel

    (Halacha en Hasjkafa/Filosofie)

    De wetten van de 39 verboden

     

     

     

     

    werkzaamheden van Sjabbat (deel 1)

     

    Zoom

    21:00 – 22:00

    Rav A. Plancey

    Parsjat Hasjawoea

    Vrijdag

    13 november

     

     

     

     

    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL YouTube.com/TorahNL

     

    ד”בס

     

    Thema Opperrabbijn R. Evers – sjioer donderdag 11 november 2020

     

    MEDISCH ONDERZOEK BIJ EMBRYOACHTIGE STRUCTUREN EN OPERATIES AAN HET DNA BIJ EMBRYO'S VANUIT JOODS PERSPECTIEF (HALACHA EN HASJKAFA/FILOSOFIE)

     

    Hierbij beantwoorden we de volgende vragen en behandelen we de onderstaande casus:

     

    Voor de uit stamcellen gekweekte entiteiten die (een deel van) de embryogenese afbeelden worden verschillende termen gebruikt: ‘synthetische embryo’s’, ‘embryomodellen’, ‘embryoachtige structuren’. Welke term heeft de joodse voorkeur en waarom?

    • Er zijn verschillende definities van een(menselijk) embryo. Hoe zou het jodendom een embryo definiëren?

    • Zijn ‘embryoachtige structuren’ volgens het Jodendom “embryo’s”? Waarom (niet)?

    • Veel mensen zijn het erover eens dat levende wezens een zekere mate van beschermwaardigheid toekomt. Welke overwegingen zijn relevant voor het bepalen van de relatieve beschermwaardigheid van verschillende levende wezens, waaronder de mens?

    • Vindt het Jodendom dat bij IVF overgebleven embryo’s (zogenoemde restembryo’s) mogen worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek?

    • Vindt het Jodendom dat menselijke embryo’s speciaal tot stand mogen worden gebracht om als onderzoeksmateriaal te dienen?

    • Vindt het Jodendom dat ‘embryoachtige structuren’ voor wetenschappelijk onderzoek mogen worden gemaakt?

    • Het is onduidelijk of ‘embryoachtige structuren’ wel/niet embryo’s zijn in de zin van de Nederlandse Embryowet. Hoe moeten we omgaan met de onzekerheid daarover: moeten we ze als embryo’s beschouwen zolang het tegendeel niet vaststaat? Of omgekeerd: mogen we ze als niet-embryo’s beschouwen zolang onduidelijk is of ze onder de wettelijke definitie van een embryo vallen?

    • Een mogelijke manier om ze met zekerheid buiten de huidige wettelijke definitie te houden is het inbouwen van een gen-variant die maakt dat ze niet-levensvatbaar zijn.

      Zou het standaard inbouwen van zo’n beperking aanvaardbaar/gewenst zijn?

    • Wat vindt het Jodendom van de implicatie van de huidige wettelijke definitie, dat niet-levensvatbare embryo’s bij voorbaat geen embryo’s zijn en dus buiten de reikwijdte van de beschermingsdoelstelling van de wet vallen?

    • Wat vindt het Jodendom van de voorwaarden die in de Nederlandse Embryowet aan onderzoek met menselijke embryo’s worden gesteld?

    • Welke specifieke voorwaarden (if any) zouden volgens het Jodendom moeten worden gesteld aan het maken/gebruiken van ‘embryoachtige structuren’ voor wetenschappelijk onderzoek?

       

      BEHANDELING CASUS

       

      Casus: Een stel waarvan één partner de ziekte van Huntington heeft, heeft een kinderwens. De kans dat hun kind de ziekte van Huntington krijgt, is 50%. Als zij dit willen voorkomen, hebben zij nu twee mogelijkheden:

       

      • op natuurlijke wijze zwanger worden en daarna prenatale diagnostiek uitvoeren met eventueel abortus als het kind aangedaan is,

         

      • een IVF-traject met PGD (embryoselectie), waarbij de embryo’s getest worden en alleen als er een gezond embryo is, dit teruggeplaatst wordt in de baarmoeder.

     

    Een optie die nu nog niet beschikbaar is, maar mogelijk minder belastend is, is het aanpassen van DNA bij hun embryo.

     

    De vraag is: Als het mogelijk zou zijn, is in dit geval het aanpassen van embryo-DNA toegestaan en waarom? Welke onderliggende waarden vanuit de joodse levensbeschouwing spelen hierbij een rol ?

  • Rooster Sjioerim Rabbijnen NL 15-20 november 2020

    In de week van zondag 15 november tot en met vrijdag 20 november a.s. vinden de volgende sjioerim Jeshivas Pensionariem ‘Shoshanas Ja’akov’ en Rabbijnen NL plaats
    Tot   nadere aankondiging  zullen alle sjioeriem via zoom plaatsvinden
    datum Lokatie tijd spreker onderwerp
    Zondag
    15 november
    Zoom 10:00 – 11:00 Rav J.B. Serfaty Parsjat Hasjawoea
    Meeting ID 88613947530 Password 2020
    11:00 – 11:45 Dhr W. van Dijk Hoera, ik voel mij ongelukkig
    20:00 – 21:00 Rav S. Katzman Ramban op de Parasja
    21:00 – 22:00 Rav S. Frankenhuis Hilchot Chanoeka
    Maandag
    16 november
    Zoom
    Zoom
    10:00 – 11:00
    11:00 – 12:00
    Rav S. Katz
    Dr. E.D.E. Bialoglowski
    David Pardo: halachische finesses van de Nederlandse auteur van een internationale kitsoet uit de 17e eeuw
    Gemara massechet Berachot
    20:00 – 21:00 R’ David Sztejnhauer Who is Esav?
    Dinsdag Zoom 10:00 – 11:00 Rav S. Katzman Tanya hoofdstuk 5
    17 november Zoom 20:00 – 21:00 Rav J. Vorst Pirke Avot
    Woensdag Zoom 9:30– 10:15 Drs. J.N. de Leeuwe Gemara massechet Sanhedrin 91a en b
    18 november Zoom
    Zoom
    10:15– 11:15
    11:15 – 12:15
    Rav J. Sigal
    Rav Y.U. Dunner
    How could Yitzchak think to give blessings to Esav?
    Gemara massechet Baba Kama
    Zoom 20:00 – 21:00 Rebbetsin S. Katzman Aan de keukentafel met…
    Zoom 21:00 – 22:00 Opperrabbijn B. Jacobs mevr. Feigele Spiero Orgaandonatie
    Donderdag Zoom 10:00 – 11:00 Dr. Ortal Paz Saar The Jewish magical tradition
    19 november Zoom 20:00 – 21:00 Rav M. Stiefel De wetten van de 39 verboden werkzaamheden van Sjabbat (deel 2)
    Zoom 21:00 – 22:00 Rav A. Plancey Parsjat Hasjawoea
    Vrijdag
    20 november

    Zoomcode: 83241230157 Facebook.com/RabbijnenNL
    YouTube.com/TorahNL

     

    Lecturer: Ortal-Paz Saar

    short introduction:

     

    Dr. Ortal-Paz Saar is a researcher of Jewish cultural history in Late Antiquity and the Middle Ages. She is Assistant Professor of Ancient History at Utrecht University. She has published two books, one on Jewish Love Magic(2017) and a co-authored one on Aramaic Magic Bowls(2018), as well as articles on Jewish magic and its connection with Greek and Roman polytheism, Christianity and Islam. Ortal-Paz is particularly interested in portraying the interaction between different religious traditions. At present her research focuses on Jewish funerary culture, and she is completing a new book titled Lives of Jews in Italy: The Prism of Funerary Inscriptions.

  • schema van de shiurim van rabbijnen nl vanaf 19 juli

    image003

    poster shoshanna